Post Tagged ‘Stadsontwikkeling’

Ieper – Op het terrein van de gesloopte Carrefour op het Vandepeereboomplein hebben archeologen de resten van een middeleeuws domein ontdekt dat tot de 12e eeuw een verblijfplaats was voor de Graaf van Vlaanderen. Hier moeten binnenkort een nieuw warenhuis en nieuwe appartementen verschijnen. Group Van Vooren, met ondersteuning van Hembyse Archeologie, voert hier sinds januari 2025 opgravingen uit.

De ontdekking betreft een aarden wal met een muur en een gracht. Het gaat om een kunstmatige heuvel van opgehoopte aarde met een brede gracht eromheen, in de archeologische wereld bekend als een ‘motte’. Bij zo’n motte was er vaak nog een tweede gracht rond een vaak iets groter terrein, waar een kapel stond en andere gebouwen (zoals een graanschuur) om de handel en wandel van de graaf te ondersteunen, het zogenaamde neerhof. In Ieper is dat het terrein rond de Sint-Maartenskathedraal. Nu is er dus bij de opgraving een deel van de mottegracht en de motte blootgelegd.

De verdedigingsgracht heeft een breedte van zo’n 15 meter. Interessant is de vondst van een muur in ijzerzandsteen van anderhalve meter dik met steunberen, op de grens van de gracht en de motte. Mogelijk gaat het om de fundering van de verdedigingsmuur rond de woonplaats van de graaf. Verder werden nog enkele houten palen blootgelegd, wellicht overblijfselen van een ophaalbrug over de gracht naar de kapel.

Schets van de Motte in Ieper, gegenereerd met ChatGPT (OpenAI), op basis van historische context

Deze resten werpen nieuw licht op de ontstaansgeschiedenis van de stad. Het is voor het eerst dat resten zo dicht bij het ontstaan van Ieper opgegraven werden.
De verwachtingen van de opgravingen waren hooggespannen. Uit schaarse historische bronnen uit de 14de eeuw is geweten dat voor de ingang van de Sint-Maartenskathedraal er sprake was van een ‘wal’ en een ‘mote’. Het straatje naast het opgravingsterrein heet nog altijd het Wallestraatje. Dit is een verwijzing naar het grafelijk domein, waaruit later de grootstad Ieper zou groeien.

De opgravingen tonen hoe Ieper in de middeleeuwen na Brugge en Gent de belangrijkste stad van ons graafschap was en een van de grootste industriesteden van Europa. De graaf van Vlaanderen had in verschillende steden een residentie, met ook domeinen in Kortrijk, Veurne en Rijsel. Het grafelijk domein verplaatste zich in de loop van de 12de eeuw (ca 1127) naar het Zaalhof. Na de opgave van het domein in de 12de eeuw (na het vertrek van de Graaf van Vlaanderen werd deze dus nog lange tijd gebruikt), werd deze in verschillende fasen opgevuld: er was een definitieve afbraak op het einde van de 13de eeuw, in de bovenste lagen werden woningen opgegraven die voorlopig te dateren zijn van de 15de tot de 19de eeuw.

Er werden ook nog heel wat interessante artefacten gevonden, zoals munten, gespfragmenten, speelgoed en insignes uit verschillende periodes. Ze geven een mooi beeld van het dagelijkse leven van de Ieperling in die vroege periode van de stad.
Met deze vondsten wordt nog maar eens aangetoond dat archeologen niet alleen louter voorwerpen opgraven, maar dat ze ook de puzzelstukjes leggen in een groter verhaal.

Omdat deze vondst wellicht de belangrijkste is die ooit in Ieper werd gedaan, gaan meer en meer stemmen op om deze ontdekking te bewaren en zichtbaar te maken. Het stadsbestuur is alvast voorstander van het behouden van de site. Men wil zelfs de omliggende percelen beschermen, daarvoor wordt een beschermingsdossier opgestart om toekomstige ingrepen te kunnen onderzoeken of vrijwaren. Eerder lukte het niet om de blootgelegde kaaimuren van de Ieperlee op de Leet te behouden. Er is inmiddels afgesproken dat de archeologen, dankzij de constructieve houding van de bouwheer, nog enkele weken verder kunnen werken.

Bouwheer is Bruggeling Jean-Marie Cardinael. Zijn overgrootvader had hier begin vorige eeuw een zeepwinkel, die tijdens de Eerste Wereldoorlog volledig werd verwoest. Zijn grootvader heeft er daarna winkels gebouwd. In de periode van de Tweede Wereldoorlog was in het pand een metaalwarenhuis gevestigd, samen met een verfwinkel genaamd ‘In de Ster’. Zijn vader bouwde er een warenhuis dat dus nu aan vernieuwing toe was.

Wat de bewaring betreft zijn er drie opties, waarbij de financiën waarschijnlijk een grote rol gaan spelen: in een eerste optie blijven de resten in de ondergrond en zal er behalve de vondsten in een museum, niets meer te zien zijn. Optie twee is een ondergrondse kelder waar de muren nog te zien zijn met eventueel een glazen plaat in de nieuwe winkel. In de derde optie komt de winkel er niet en wordt de site omgevormd tot een park met een stuk gracht waar dan het middeleeuwse verhaal kan worden verteld. Ondertussen is er overleg met de stad, de Vlaamse overheid en de eigenaar.

Het was de bedoeling om na de sloop een nieuw warenhuis en appartementen te bouwen. Er werd al een contract getekend met Carrefour, die zo snel mogelijk op deze locatie terug willen keren.

Ondertussen is de publieke belangstelling enorm: er werden verschillende opendeurdagen georganiseerd, waar honderden mensen op afkwamen. De opgravingen werden ook besproken in de Ieperse gemeenteraad.

Van het gesloopte gebouw blijft enkel nog de gevel over – © Geert Dewaele
Het vroegere gebouw van Carrefour – © Geert Dewaele
Bronnen:
Archeologen leggen middeleeuwse motte bloot. (27 maart 2025). Stad Ieper. https://www.ieper.be/middeleeuwse-motte
Lees ook:
Binnenkort afbraak van het pand met Carrefour Market op de Leet; daarna komt nieuwbouw – 18/08/2024
Absolute aanraders:
Ivanvanherpe_Nwlitv. (n.d.). De Grote Kroniek van Ieper – De dag-aan-dag geschiedenis van een stad. Copyright De Grote Kroniek Van Ieper – All Rights Reserved. https://ieperkroniek.com/

Homepage. HEEMKRING IEPERS KWARTIER. https://iepers-kwartier.be/
De lidmaatschapsbijdrage voor het jaar 2025 bedraagt € 20 voor gewone leden en € 25 voor steunende leden.
Dit bedrag kan gestort worden op het rekeningnummer BE30 0682 4915 2611 (BIC: GKCCBEBB) van Heemkring Iepers Kwartier, Huysstraat 12, 8902 Zillebeke.

Ieper – De Lidl aan de Rijselsepoort in Ieper verdwijnt. De winkel wordt volledig afgebroken en vervangen door een grotere, energiezuinigere nieuwbouw die meer comfort moet bieden aan klanten en personeel. De werken starten in maart 2025, met een geplande opening op 10 december 2025 (update 6 november 2025).

Een nieuw hoofdstuk voor Lidl Ieper
De Lidl-vestiging aan de Rijselsepoort 5-7 in Ieper krijgt een grondige make-over. De bestaande winkel wordt volledig afgebroken en maakt plaats voor een nieuw gebouw met een ruimer verkoopoppervlak, modernere inrichting en meer aandacht voor duurzaamheid.

Het Ieperse stadsbestuur verleende in januari 2024 de omgevingsvergunning voor het project, onder voorwaarden. Een omwonende tekende beroep aan bij de deputatie van de provincie West-Vlaanderen, maar dat beroep werd in mei ongegrond verklaard. De vergunning werd op 23 mei 2024 definitief toegekend. De documenten liggen ter inzage bij Stad Ieper.

Groter, ruimer, efficiënter
De nieuwe Lidl zal niet alleen het huidige perceel innemen, maar ook het terrein waar vroeger Tom&Co gevestigd was. De totale oppervlakte van het gebouw wordt 2.616 m², waarvan 1.468 m² publiek toegankelijk is.

Het ontwerp volgt het standaardconcept van Lidl, waarbij de afmetingen zijn afgestemd op de lengte van rekken, paletten en looplijnen. Dat zorgt volgens het bedrijf voor een efficiënt ruimtegebruik en een logische circulatie voor klanten en medewerkers.

De winkel blijft grotendeels gelijkvloers, met enkel een tweede technische bouwlaag binnen de kroonlijst. De hoogte varieert van 5,11 meter aan de oostzijde tot 6,40 meter aan de westgevel.

Comfort voor klanten en medewerkers
Volgens Lidl is de uitbreiding een commerciële beslissing “om het comfort van klanten en medewerkers te vergroten”. De keten mikt met het nieuwe filiaal op meer winkelgemak en een volledig assortiment. Nieuwe klanten aantrekken is mogelijk, maar blijft volgens het bedrijf een neveneffect, aangezien de regio al meerdere filialen telt.

In de nieuwbouw komen moderne personeelsruimtes, kleedkamers, technische lokalen, koelcellen en een leeggoedruimte. Het sanitair bevindt zich in de sociale ruimtes en is enkel voor personeel bedoeld.

Het aantal medewerkers stijgt van 15 naar 21, waarvan 8 voltijds.

Mobiliteit en inrichting
De site zal na heraanleg 131 parkeerplaatsen tellen, maar door een procedurefout moeten 12 plaatsen worden geschrapt. Uiteindelijk blijven er 111 parkeerplaatsen over voor klanten en 8 voor personeel.

Aan de inkom komt een luifel met ruimte voor 28 fietsen, waaronder twee plekken voor grotere modellen zoals bakfietsen. Achteraan wordt een aparte loskade voorzien, zodat vrachtwagens het terrein kunnen bedienen zonder de doorgang van voetgangers of fietsers te hinderen.

Langs beide perceelgrenzen komen groene bufferzones. De verharding wordt uitgevoerd in asfalt, terwijl de gevels een afwerking krijgen in witte en grafietgrijze crepi, met houten accenten. Op het dak worden zonnepanelen geplaatst, die vanaf de parking nauwelijks zichtbaar zullen zijn.

Lidl benadrukt dat dit concept nog niet eerder in België werd toegepast en dat de vestiging in Ieper een van de eerste zal zijn die het nieuwe architecturale ontwerp krijgt.

Opening december 2025
Volgens medewerkers van de Lidl kunnen klanten vanaf 10 december 2025 om 8u30 terecht in de nieuwe winkel (update 6 november 2025).

Op 6 november 2025 is te zien dat het nieuwe gebouw en de geasfalteerde parking met toegangswegen en groenzones zijn aangelegd. Een blik naar binnen onthult dat de binneninrichting volop vordert, en de koelinstallaties staan inmiddels al op hun plek.

Lees ook bij Bouwend Ieper:
Nieuwe Lidl aan Rijselsepoort bijna klaar: aftellen naar opening op 10 december – 15/11/2025
Toestand 6 november 2025 – © Geert Dewaele
Bron:
Inzageloket. (n.d.). https://omgevingsloketinzage.omgeving.vlaanderen.be/

Nieuwe Lidl aan Rijselsepoort bijna klaar: aftellen naar opening op 10 december

© Geert Dewaele

Ieper – Na meer dan zeven decennia valt het doek over de legerkazerne in Ieper. Het kwartier Eerste Wachtmeester A. Lemahieu sloot vorige week definitief, in lijn met de strategische toekomstvisie van Defensie. De vraag rijst nu wat er gebeurt met de uitgestrekte site aan de Kemmelseweg: tijdelijk opvang, erfgoed én een nieuwe toekomst voor bedrijven en wonen.

Einde van een militair tijdperk in Ieper
De kazerne aan de Kemmelseweg, officieel het kwartier Eerste Wachtmeester A. Lemahieu, is definitief gesloten. De logistieke eenheid die hier gevestigd was — het Competentiecentrum Steunmateriaal en Producten (CCMP) — stond jarenlang in voor kledij en materieeltransport. Die taken worden nu elders opgenomen of uitbesteed.

De sluiting lag al sinds 2015 vast, toen Defensie een vernieuwde strategie uitstippelde. Door jarenlange bezuinigingen op personeel, infrastructuur en materiaal was volgens de overheid “een volwaardige werking niet langer mogelijk”, luidde het vanuit regeringskringen.

Van 650 medewerkers naar een handvol
In de hoogtijdagen werkten zo’n 650 mensen in de Ieperse kazerne. Velen uit de regio deden er hun legerdienst of startten er hun militaire loopbaan. De bezetting kromp tegen 2019 tot ongeveer 130 personeelsleden. Intussen is een groot deel met pensioen, een vijftigtal anderen koos voor een nieuwe standplaats.

Wat brengt de toekomst voor de site?
Een aanzienlijk gedeelte van de infrastructuur blijft militair erfgoed. Het War Heritage Institute neemt zeven grote loodsen in gebruik om tanks en voertuigen onder te brengen die nu in Brasschaat gestationeerd zijn.

Daarnaast komt er tijdelijk een opvangcentrum voor mensen die internationale bescherming zoeken. Het Rode Kruis neemt het beheer op. De opvang zou maximaal 375 personen tellen, gehuisvest in containers en enkele bestaande gebouwen. Voorlopig gaat het om twee jaar, al kan dat worden verlengd door de bevoegde overheid. Het stadsbestuur stond afwachtend tegenover die plannen en gaf aan dat het die liever had bijgestuurd.

Ambitieus stadsproject op langere termijn
Op de langere termijn ziet de stad een mix van functies: ruimte voor kleine en middelgrote ondernemingen én een woonzone. Zo krijgt het voormalige kwartier mogelijk een nieuwe rol in het stedelijk weefsel, al blijft de uitwerking nog afhankelijk van verdere studies, beslissingen en investeringen.

© Geert Dewaele
© Geert Dewaele

Opgegraven vestingmuur – © Geert Dewaele

Ieper – Bij het vroegere openluchtzwembad aan de Hoge Wieltjesgracht in Ieper zijn historische vestingmuren teruggevonden. De relicten uit de tijd van vestingbouwer Vauban doken op zo’n drie meter diepte op. Ze worden opgenomen in een nieuw herwaarderingsproject dat het verwaarloosde gebied moet transformeren tot een aantrekkelijk stadsdeel, met aandacht voor erfgoed én waterbeheer.

Historische vondst in vergeten groenzone
In de groenzone bij het vroegere openluchtzwembad en de rotonde aan de Hoge Wieltjesgracht werden afgelopen week proefsleuven gegraven om een verdwenen deel van de Ieperse vestingen op te sporen. Het onderzoek kadert in een herwaarderingsproject voor de site. De Vlaamse overheid ondersteunt het vooronderzoek met een premie.

Op drie meter diepte stootte men op de resten van een muur uit het verdedigingscomplex dat werd gebouwd onder toezicht van vestingbouwer Vauban. Het grootste deel van die constructies werd in 1853 afgebroken, maar het nu blootgelegde stuk loopt volgens de onderzoekers nog door tot aan het Minneplein. Of het fragment bewaard kan blijven, is voorlopig onzeker.

Zwembadmuur vertoont schade
In de muur van het oude zwembad zit een grote scheur, precies op de plaats waar de vestingmuur een hoek vormt tussen de Kasteelgracht en de Wieltjesgracht. De locatie van de schade bevestigt het historische tracé dat archeologen nu verder in kaart brengen.

Nieuwe waterverbinding moet overstromingsrisico temperen
Het gebied speelt een rol in de toekomstige bescherming tegen wateroverlast. Er is een plan om een open waterverbinding te creëren tussen de Kasteelgracht bij de Menenpoort en de Wieltjesgracht. Een deel van de zwembadmuur zou daarvoor verdwijnen, omdat de bescherming van het zwembad officieel werd opgeheven. Hoe precies de waterloop de rotonde en de omliggende straten zal kruisen, staat nog niet vast.

Ook binnen de zwembadsite volgt een proefput, al zorgt de instabiele ondergrond ervoor dat dit graafwerk niet eenvoudig met een machine kan gebeuren.

Van militair bad tot ruïne
Het zwembad op de hoek van de Basculestraat en Kiplinglaan werd ooit aangelegd voor militair gebruik. Na de Eerste Wereldoorlog kreeg het een publieke functie. In 2001 ging het definitief dicht omdat de infrastructuur niet meer voldeed aan moderne veiligheidsnormen. Ondanks een tijdelijke erfgoedstatus veranderde de site in een vervallen ruïne, tot Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Matthias Diependaele de bescherming weer ophief.

Toekomstplan krijgt vorm
De stad presenteerde eerder al twee ontwerpvoorstellen voor de herinrichting. Het ontwerp ‘Contregarde’ focust op de vestingstructuur en nieuwe natuur, terwijl ‘Conciergerie’ inzet op de nostalgische link met het zwembad. Beide versies kregen positieve reacties van inwoners. Het ontwerpteam werkt nu aan één geïntegreerd plan dat erfgoed, landschap en stedelijke functies met elkaar verzoent.

Barsten in de muur door een onstabiele ondergrond – © Geert Dewaele
© Geert Dewaele
Lees ook:
Stad Ieper wil 500.000 euro investeren in herbestemming voormalig openluchtzwembad (9/03/2016)

© Geert Dewaele

Ieper – De oude watertoren langs de Meenseweg in Ieper verdwijnt. Maandag 15 juni 2015 wordt het bouwsel, dat al jaren te kampen heeft met betonrot en instortingsgevaar, afgebroken. Een markant herkenningspunt verdwijnt uit het stadsbeeld.

Een toren die zijn tijd heeft gehad
De watertoren langs de Meenseweg stond al jaren op de nominatie om te verdwijnen. Betonrot had de constructie aangetast, waardoor de toren onstabiel en gevaarlijk was geworden. Er was voortdurend risico dat brokstukken naar beneden konden vallen. Uit voorzorg werd de omgeving eerder al afgesloten met dranghekkens.

De toren, gebouwd in 1927, was al geruime tijd buiten gebruik. Vroeger was hij eigendom van de stedelijke waterdienst, maar later kwam hij in handen van de uitbaters van het naastgelegen tankstation Total en de carwash op de hoek van de Meenseweg en de Steverlyncklaan.

Geen erfgoed, geen toekomst
De huidige eigenaars vroegen eerder een sloopvergunning aan, die in oktober 2014 door het schepencollege werd goedgekeurd. Omdat de toren niet als erfgoed is beschermd, stond niets de afbraak nog in de weg. Een nieuwe bestemming vinden voor een zwaar beschadigd gebouw van dit type bleek bovendien niet haalbaar.

Na de sloop zal de vrijgekomen grond worden geïntegreerd in de site van het tankstation.

Voorbereidingen in volle gang
Intussen zijn de voorbereidende werken volop bezig. Struiken en bomen werden al verwijderd, en er wordt aarde aangevoerd om de afbraak logistiek mogelijk te maken.

Een mislukte reddingspoging in de jaren negentig
Toch was het ooit de bedoeling om de watertoren te redden. In navolging van de succesvolle restauratie van de toren aan de Dikkebusseweg, besliste men in 1995 om ook de toren aan de Meenseweg technisch op te waarderen. De kuip werd hersteld en veel Ieperlingen konden toen zelfs een kijkje nemen binnenin het bouwwerk.

Maar al snel liepen de werken spaak. Er ontstonden discussies tussen architect en aannemer — de firma Richet uit Kemmel en onderaannemer Aquastra — over de dikte van het beton, de sterkte van de constructie, de haalbaarheid van de werken en de oplopende kosten.

Toen de stad in 1998 een advocaat inschakelde, kwam het dossier bij de rechtbank terecht. Een studiebureau concludeerde dat de toren eigenlijk beter afgebroken en vervangen werd door een nieuwbouw. Die optie bleek financieel niet haalbaar, zeker toen de aannemer failliet ging.

Een dossier dat jarenlang bleef aanslepen
Het dossier sleepte zich voort tot de stad het uiteindelijk wou afsluiten, net voor de overdracht van de stedelijke waterdienst aan de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening (VMW) in 2010. Uiteindelijk kreeg Ieper een minnelijke schikking van 65.000 euro via de verzekeringsmaatschappij van de ontwerper.

De VMW nam de stedelijke waterdienst over voor 25 miljoen euro, inclusief 5 miljoen euro aan schulden, maar had geen plannen met de toren. Ze verkocht het gebouw nadien aan de huidige eigenaars.

© Geert Dewaele
© Geert Dewaele