Post Tagged ‘Stadsontwikkeling’

© Geert Dewaele

Ieper – De toekomst van OC Cieper in Sint-Jan komt dichterbij. Op de gemeenteraad van 29 juni ligt een dossier voor dat de eerste stap vormt naar een mogelijke vernieuwing van de site. Het gaat voorlopig niet om een definitieve bouwbeslissing, maar om de start van een onderzoekstraject en een openbare zoektocht naar een geschikte partner.

Eerste stap richting vernieuwing
OC Cieper aan de Brugseweg vervult al jarenlang een belangrijke rol binnen het verenigingsleven van Sint-Jan. Verenigingen, organisaties en inwoners gebruiken het gebouw voor vergaderingen, activiteiten en evenementen. Volgens het stadsbestuur voldoet de huidige infrastructuur echter steeds minder aan hedendaagse verwachtingen op het vlak van comfort, duurzaamheid en functionaliteit.
Daarom wil de stad onderzoeken hoe de site in de toekomst kan worden vernieuwd. De gemeenteraad buigt zich eind juni over de modaliteiten van een procedure waarbij een externe partner een voorstel kan indienen voor de herontwikkeling van de locatie.
Het gaat nadrukkelijk nog niet om de goedkeuring van een concreet bouwproject. De beslissing opent wel de deur naar een traject waarin verschillende mogelijkheden worden onderzocht.

Samenwerking met externe partner
Uit de gemeenteraadsdocumenten blijkt dat het stadsbestuur meer mogelijkheden ziet op de betrokken percelen dan enkel het behoud van een klassiek ontmoetingscentrum. Omdat de gronden in woongebied liggen, wil de stad bekijken of een combinatie mogelijk is met andere maatschappelijke of sociale functies.
Om kandidaten voldoende investeringszekerheid te bieden, wordt voorgesteld een recht van opstal toe te kennen voor een periode van 30 jaar. Daarna zouden nog twee verlengingen van telkens 10 jaar mogelijk zijn.
Geïnteresseerde partijen zullen via een openbare procedure een projectvoorstel moeten indienen. De stad is wettelijk verplicht om hiervoor mededinging te organiseren.

Welke functies moeten behouden blijven?
Hoewel de toekomstige invulling nog niet vastligt, legt de stad wel een aantal duidelijke voorwaarden op. Zo moet een nieuw ontmoetingscentrum minstens beschikken over:
– een polyvalente zaal van 220 vierkante meter;
– een keuken van 25 vierkante meter;
– een vergaderlokaal voor ongeveer 25 personen;
– een berging;
– aangepast sanitair.
Daarnaast verwacht de stad een logische verbinding tussen de verschillende ruimtes, voldoende beschikbaarheid voor verenigingen en een reservatiesysteem dat aansluit bij dat van de andere ontmoetingscentra in Ieper.
Ook parkeergelegenheid blijft een aandachtspunt. Het project moet minstens twaalf parkeerplaatsen voorzien, waarvan vijf permanent beschikbaar zijn.
Achteraan de site moet bovendien publieke speelruimte behouden blijven. De speeltoestellen blijven eigendom van de stad.

De gemeenteraad beslist nog niet over een nieuw gebouw, maar wel over de voorwaarden voor een zoektocht naar een toekomstige partner.

Beoordeling op meer dan alleen de prijs
Projectvoorstellen zullen op honderd punten worden beoordeeld.
Het grootste gewicht ligt bij de inhoudelijke kwaliteit van het project. Daarbij kijkt de stad onder meer naar de geplande ontwikkeling, de maatschappelijke meerwaarde en het aantal mensen dat met het project bereikt kan worden.
Daarnaast spelen ook de gevraagde financiële bijdrage van de stad voor sloop, bouw en beheer een rol. Een derde beoordelingsonderdeel is de jaarlijkse vergoeding of canon die de kandidaat bereid is te betalen. Die moet minstens 1.000 euro per jaar bedragen en wordt gekoppeld aan de gezondheidsindex.

Informatie voor omwonenden en gebruikers
Het stadsbestuur geeft aan dat het dossier vragen kan oproepen bij gebruikers, verenigingen en buurtbewoners. Daarom worden op maandag 6 juli informatiemomenten voorzien voor rechtstreeks betrokkenen.
Volgens schepen Eva Ryde wil het stadsbestuur vanaf het begin zo transparant mogelijk communiceren over het traject. Daarbij zou duidelijk worden toegelicht welke beslissingen al genomen zijn en welke keuzes nog moeten volgen.

Traject nog in voorbereidende fase
De komende maanden moet blijken welke voorstellen worden ingediend en hoe de toekomst van de site vorm kan krijgen. Pas nadat verschillende opties onderzocht zijn, kunnen verdere beleidsbeslissingen volgen.
Voorlopig staat vooral één zaak vast: de stad wil onderzoeken hoe OC Cieper ook op lange termijn een ontmoetingsfunctie voor Sint-Jan kan blijven vervullen, binnen een vernieuwde en toekomstgerichte ontwikkeling van de site.

Bronnen: Verklarende nota en bijhorende gemeenteraadsdocumenten, gemeenteraad Ieper van 29 juni 2026.

💬 Reageer hieronder

© Geert Dewaele

Ieper – De toekomst van de stadsschouwburg in Ieper ligt volledig open. Een recente haalbaarheidsstudie brengt vier mogelijke pistes in kaart, variërend van een grondige renovatie tot een volledige nieuwbouw of zelfs de afbraak van het huidige gebouw. Een keuze is er voorlopig nog niet.

Vier pistes voor de toekomst
Tijdens een infomoment voor buurtbewoners, adviesraden en gemeenteraadsleden stelde het stadsbestuur de resultaten voor van een haalbaarheidsstudie naar de toekomst van de stadsschouwburg. De studie onderzoekt vier mogelijke ontwikkelingsscenario’s, maar benadrukt dat er vandaag nog geen beslissing is genomen en dat er ook geen budget is voorzien om één van de opties uit te voeren binnen de huidige legislatuur.
Volgens de stad bevindt het project zich nog in een verkennende fase. De bedoeling is om de verschillende mogelijkheden zorgvuldig af te wegen, rekening houdend met erfgoed, functionaliteit, haalbaarheid en de toekomstige culturele noden van Ieper.

Studie vertrekt vanuit bestaande knelpunten
De haalbaarheidsstudie werd uitgevoerd door B-Juxta Architecten. Daarbij werd eerst een analyse gemaakt van de huidige toestand van het gebouw.
Uit die analyse blijkt dat de stadsschouwburg kampt met verschillende technische en functionele tekortkomingen. Zo zijn er onder meer problemen met technische installaties, waterinfiltratie in de kelder, verouderde gevels en een beperkte isolatie. Daarnaast ontbreken een horecaruimte en voldoende opslagruimte. Ook gaat veel oppervlakte verloren aan circulatie en blijft de zolderverdieping grotendeels ongebruikt.

De stadsdiensten formuleerden daarom een programma van eisen. Daarin wordt onder meer gevraagd om:

  • een grotere theaterzaal;
  • een cafégedeelte;
  • extra technische ruimtes;
  • bijkomende bergruimte;
  • meer backstagevoorzieningen.
    De gewenste bruikbare oppervlakte stijgt daarbij van ongeveer 974 naar 1.445 vierkante meter.

Scenario 1: maximaal behoud van het gebouw
Het eerste scenario kiest voor een restauratie waarbij de historische structuur van de schouwburg zoveel mogelijk behouden blijft.
Hoewel daarmee de erfgoedwaarde maximaal wordt gerespecteerd, blijven er belangrijke beperkingen bestaan. Door de noodzakelijke aanpassingen zou de theatercapaciteit dalen van ongeveer 390 naar 219 zitplaatsen, terwijl de gewenste capaciteit rond 300 plaatsen ligt. Ook laat de bestaande draagstructuur onvoldoende mogelijkheden om moderne theatertechnieken, zoals theaterbruggen, te integreren.
De bruikbare oppervlakte zou toenemen tot ongeveer 1.130 vierkante meter. De investeringskost wordt geraamd op ongeveer 4 miljoen euro, exclusief btw.

De studie toont vier mogelijke richtingen, maar het stadsbestuur benadrukt dat voorlopig geen enkele keuze is gemaakt.

Scenario 2: behoud gecombineerd met uitbreiding
Een tweede piste combineert het behoud van grote delen van de bestaande schouwburg met een uitbreiding aan de noordzijde.
Daarbij blijven de buitengevels behouden, terwijl de theaterzaal intern aanzienlijk wordt vergroot. In de uitbreiding kunnen onder meer sanitair, vestiaire en bijkomende functies worden ondergebracht. Ook zouden nieuwe backstagevoorzieningen en artiestenruimtes worden voorzien.
Dit scenario voldoet volgens de studie grotendeels aan de vooropgestelde functionele eisen. Wel verdwijnen onder meer de huidige koepel en de bestaande dakconstructie om plaats te maken voor een beter geïsoleerd gebouw met moderne theatertechnieken.
De geraamde kostprijs bedraagt ongeveer 4,9 miljoen euro.

Scenario 3: volledige nieuwbouw
Een derde mogelijkheid bestaat uit een volledige nieuwbouw op de huidige locatie.
Dat levert volgens de studie de meest optimale theaterzaal op, maar gaat gepaard met een aanzienlijk verlies aan erfgoedwaarde. Daarnaast worden archeologische risico’s vermeld en wijst de studie erop dat een volledige nieuwbouw minder duurzaam is, omdat bruikbare onderdelen van het bestaande gebouw verloren zouden gaan.
De geraamde bouwkost bedraagt ongeveer 4,75 miljoen euro.

Scenario 4: nieuwe theaterzaal bij de Proosdij
De meest ingrijpende piste onderzoekt een nieuwe theaterfunctie in de Proosdijvleugel naast de kathedraal.
Tijdens de studie werd aanvankelijk gekeken naar een verbinding tussen beide gebouwen, maar uiteindelijk werd een alternatief onderzocht waarbij een nieuw volume aansluit op de Proosdij en de bestaande vleugel mee wordt geïntegreerd.
De bouwkost wordt geraamd op ongeveer 5 miljoen euro. Indien ook de volledige Proosdijvleugel wordt gerestaureerd, komt daar volgens de studie nog ongeveer 1 miljoen euro bovenop.

Wat gebeurt er dan met de huidige stadsschouwburg?
Wanneer voor het vierde scenario zou worden gekozen, verliest de huidige stadsschouwburg haar oorspronkelijke functie.
De studie noemt vervolgens verschillende mogelijkheden:
een herbestemming van het gebouw, waarbij het straatbeeld behouden blijft en een eventuele verkoop middelen kan opleveren;
een volledige afbraak, waardoor een grotere groene verbinding tussen de omgeving van de kathedraal en het Astridpark kan ontstaan;
een tussenvorm waarbij enkel het voorste gedeelte van het gebouw behouden blijft zodat het gevelbeeld langs de Leet grotendeels behouden blijft.


Nog geen beslissing
De haalbaarheidsstudie vormt voorlopig uitsluitend een basis voor het verdere politieke debat. Welk scenario uiteindelijk wordt gekozen, zal afhangen van toekomstige beleidskeuzes, beschikbare middelen en het maatschappelijk draagvlak.

Lees ook:
Vernieuwing stadsschouwburg Ieper: prijskaartje van minstens 4 miljoen euro, voorlopig geen plaats in meerjarenplan – 2/9/2025
Zoals eerder bericht door:
Vier toe­komst­sce­na­ri­o’s voor Ieper­se Schouw­burg, afbraak is er één van – Focus WTV (16 juni 2026)
Ieper denkt na over toekomst van de stadsschouwburg: van nieuwbouw tot volledige sloop – KW.be (17 juni 2026)

💬 Reageer hieronder

,

Ieper – Het verouderde winkelpark in de Arsenaalstraat staat mogelijk voor een grondige herontwikkeling. Het project wil het bestaande erfgoedpand moderniseren, uitbreiden naar vier winkels en tegelijk inzetten op vergroening, betere bereikbaarheid en energiezuinige technieken.

Nieuwe invulling voor historische site
De site aan de Arsenaalstraat in Ieper, vandaag nog bekend door onder meer de overblijvende elektronicazaak Eldi, krijgt mogelijk een nieuwe toekomst. Na het vertrek van kledingzaak Artex en budgetwinkel Eco Discount in 2024 wil eigenaar Baelen Invest NV het volledige winkelpark herontwikkelen. In Ieper loopt momenteel een openbaar onderzoek over het project, van 16 maart tot en met 14 april 2026. De bevoegde overheid moet uiterlijk op 22 juni 2026 een beslissing nemen. De aanvrager heeft de verplichte bekendmaking van het openbaar onderzoek aangeplakt.
Het gebouw op de site kent een lange geschiedenis. Oorspronkelijk werd het in 1928 gebouwd als weverij onder de naam de Tissage de l’ Alpaga. In 1981 werd het complex omgevormd tot een winkelcentrum met grootwarenhuis. Vandaag staat het pand op de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed.
De huidige renovatie richt zich op een grondige herinrichting van het bestaande gebouw, zonder bijkomende nieuwbouw. Daarbij wordt het aantal winkelunits uitgebreid van drie naar vier.

Erfgoed behouden, uitstraling vernieuwen
De historische waarde van het gebouw vormt een belangrijk uitgangspunt. Zowel de voor- als achtergevel in rode baksteen blijven behouden. Ook de herkenbare vorm van de vroegere industriële architectuur blijft zichtbaar in het vernieuwde ontwerp.
Toch wordt het gebouw grondig aangepast aan moderne eisen. De bestaande dakstructuur kan om stabiliteitsredenen niet behouden blijven en wordt vervangen door een nieuw dak dat deels verwijst naar de oorspronkelijke sheddaken. Tegelijk wordt ingezet op zonnepanelen en verbeterde isolatie.
Aan de straatzijde komt een overdekte promenade die gebruikmaakt van de bestaande arcade. Die ingreep moet de aantrekkelijkheid verhogen en de winkelactiviteit zichtbaarder maken voor voorbijgangers.

Vier winkels en aangepaste logistiek
Na de herontwikkeling zullen vier winkels onderdak vinden in het gebouw. Volgens de huidige plannen wordt uitgegaan van vier winkelunits, met mogelijk een vestiging van Action, Wibra, een speelgoedwinkel en de bestaande Eldi.
Aan de achterzijde van het gebouw wordt een nieuwe leveringsweg aangelegd. Die moet de bevoorrading efficiënter en veiliger laten verlopen, zonder hinder voor bezoekers aan de voorzijde.
De totale winkeloppervlakte wordt licht verkleind, van ongeveer 4.200 naar 3.900 vierkante meter. De bouwhoogte blijft ongewijzigd, waardoor het volume van het gebouw visueel grotendeels behouden blijft.

Meer aandacht voor groen en waterbeheer
De buitenruimte rond het winkelpark wordt grondig heringericht. Daarbij ligt de nadruk op vergroening en duurzaam waterbeheer.
Van de 21 bestaande bomen blijven er drie behouden. De overige achttien bomen worden gerooid en vervangen door 39 nieuwe bomen. Daarnaast komen er bijkomende hagen en beplantingen die afgestemd zijn op lokale bodem- en klimaatomstandigheden.
Regenwater wordt maximaal op eigen terrein opgevangen via wadi’s en infiltratiezones. Parkeerplaatsen worden waar mogelijk uitgevoerd in waterdoorlatende verharding.
Ook bestaande waardevolle groenstructuren langs de perceelsgrenzen blijven behouden om negatieve impact op het bomenbestand te vermijden.

Nieuwe mobiliteitsstructuur en betere toegankelijkheid
Het vernieuwde winkelpark krijgt een aangepaste verkeerscirculatie. Bezoekers rijden de site binnen via een nieuwe toegang aan de noordoostzijde. De uitrit bevindt zich aan de zuidoostkant en wordt ingericht als eenrichtingsverkeer.
Er komen in totaal 115 parkeerplaatsen, waaronder negen plaatsen voor personen met een beperking aan de voorzijde van het gebouw. Daarnaast worden zes parkeerplaatsen uitgerust met laadpunten voor elektrische voertuigen. Een extra laadplaats voor personen met een beperking komt aan de zuidelijke zijde van het terrein.
Voor fietsers worden twee overdekte fietsenstallingen voorzien met samen plaats voor 40 fietsen. Nieuwe wandel- en fietspaden moeten zorgen voor veilige verbindingen met de Arsenaalstraat en het nabijgelegen vestingpark.

Verbinding tussen stad en vesten
Door zijn ligging vormt de site een schakel tussen de woonbuurt, het vestingpark en het fiets- en wandelpad langs de Kasteelbeek. De herontwikkeling wil die verbinding versterken door bestaande doorgangen voor voetgangers te behouden en beter toegankelijk te maken.
Ook niveauverschillen op het terrein worden aangepakt zodat de site makkelijker bereikbaar wordt voor voetgangers, fietsers en minder mobiele bezoekers.

Investering moet dynamiek opnieuw verhogen
Hoewel slechts één winkel momenteel nog actief is, wordt verwacht dat de herontwikkeling de aantrekkelijkheid van het winkelpark opnieuw zal vergroten.
De plannen mikken niet alleen op een modernere uitstraling, maar ook op een efficiëntere inrichting van het terrein, een betere logistieke organisatie en een verhoogde duurzaamheid van het gebouw.
Met het behoud van de historische gevels en de herinrichting van de buitenruimte wil het project bovendien aansluiten bij het karakter van de historische binnenstad en het omliggende vestingslandschap.

© Geert Dewaele
Bron: De informatie in dit artikel is gebaseerd op de vergunningsdocumenten en adviezen die publiek raadpleegbaar zijn via het Vlaamse Omgevingsloket/Inzageloket.
Lees ook:
Winkels Artex en Eco Discount in de Arsenaalstraat in Ieper, stoppen ermee – 29/032024
Leegstaande gebouwen van de belastingen in de Arsenaalstraat worden school – 1/12/2023
© Geert Dewaele
© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

,

Ieper – Na jaren van restauratie is de binnenkoer van de Lakenhallen opnieuw toegankelijk en duikt meteen een oude discussie op. Terwijl het museumcafé zijn terras heropent, groeit het politieke debat over een mogelijke overkapping van de historische site.

Terras heropent na lange restauratie
Na een restauratieperiode van ongeveer vier jaar is de binnenkoer van de Lakenhallen in Ieper opnieuw vrijgemaakt. Daarmee kan het museumcafé voor het eerst in jaren opnieuw een terras uitbaten op deze centrale plek.
Uitbater Jonas Bevernage geeft aan dat hij daar lang naar heeft uitgekeken en dat het terras inmiddels opnieuw volledig is ingericht. De heropening valt samen met het eerste zachte lenteweer, wat meteen zorgt voor een symbolische start van het terrasseizoen op de site.
De binnenkoer maakte tot voor kort deel uit van een werfzone tijdens de restauratiewerken aan de Lakenhallen, die erkend zijn als werelderfgoed en onderdak bieden aan onder meer het In Flanders Fields Museum en het Yper Museum.

Nieuwe toegang moet breder publiek aantrekken
Met het afronden van de werken zijn ook de toegangen tot het complex aangepakt. Bezoekers kunnen het museumcafé bereiken via de vernieuwde Donkerpoort, maar ook via een heringerichte toegang aan de Coomansstraat.
Volgens de uitbater biedt die extra toegang kansen om niet alleen toeristen, maar ook inwoners uit de regio sterker aan te trekken. De site wordt daarmee nadrukkelijker gepositioneerd als een ontmoetingsplek voor een breder publiek.

Politiek debat over toekomst van de binnenkoer
De heropening van de binnenkoer brengt ook een beleidsvraag opnieuw onder de aandacht: hoe kan deze ruimte in de toekomst beter benut worden?
Tijdens een recente gemeenteraadszitting pleitte oppositiepartij Vooruit voor een ingreep die verder gaat dan enkel het heropenen van het terras. Raadslid Philip Bolle stelde dat het museumcafé en de binnenkoer momenteel onvoldoende aansluiten bij de internationale ambities van de musea op de site. Volgens hem oogt de horecazaak verouderd en is een bredere herinrichting nodig.
Bolle gaf daarbij aan dat het binnenplein vandaag vaak onaangenaam is door wind, beperkte zoninval en lage temperaturen. In zijn visie biedt een overkapping met glas nieuwe mogelijkheden voor horeca, evenementen en verenigingsleven.

Overkapping onderzocht, maar zonder budget
Het stadsbestuur sluit het idee van een overkapping niet uit, maar benadrukt dat dit geen project voor de korte termijn is. Schepen voor musea en patrimonium Emmily Talpe wijst erop dat de prioriteit momenteel ligt bij de grootschalige vernieuwing van het In Flanders Fields Museum.
Volgens haar wordt de piste van een overkapping wel onderzocht in het kader van toekomstige museumontwikkeling. Daarbij ligt de focus voorlopig op een kleinere binnenkoer, waar een overkapping mogelijk het onthaal van de musea kan verbeteren.
Een belangrijke hinderpaal blijft het financiële plaatje. Talpe benadrukt dat zowel de investering als het onderhoud zorgvuldig moeten worden afgewogen.

Druk om tempo te maken
Vanuit de oppositie klinkt de oproep om het dossier sneller vooruit te trekken. Volgens Bolle vergt een project van deze omvang een lange voorbereiding en dreigt uitstel de realisatie aanzienlijk te vertragen.
Hij waarschuwt dat zonder tijdige opstart een eventuele overkapping pas binnen tien jaar gerealiseerd zou kunnen worden.

Samenvatting en context
De heropening van het terras op de binnenkoer markeert een nieuw hoofdstuk voor de Lakenhallen na jaren van restauratie. Tegelijk toont het debat over een mogelijke overkapping aan dat de toekomst van de site nog volop in ontwikkeling is.
Waar horeca-uitbaters kansen zien in hernieuwde toegankelijkheid, botsen ambities voor verdere infrastructuur op budgettaire realiteit en beleidskeuzes.

© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Bron:
https://kw.be/nieuws/politiek/lokale-politiek/gemeenteraad/nu-museumcafe-eindelijk-weer-een-terras-kan-zetten-tussen-de-lakenhallen-onderzoekt-de-stad-een-glazen-dak-maar-er-is-nog-geen-budget/

Pattyn, T. (5 maart 2026). Nu museumcafé eindelijk weer een terras kan zetten tussen de Lakenhallen onderzoekt de stad een glazen dak: “Maar er is nog geen budget.” Nieuwsblad. https://www.nieuwsblad.be/regio/west-vlaanderen/westhoek/ieper/nu-museumcafe-eindelijk-weer-een-terras-kan-zetten-tussen-de-lakenhallen-onderzoekt-de-stad-een-glazen-dak-maar-er-is-nog-geen-budget/139308998.html

,

Ieper – Na de aankoop van de voormalige Cibus-site aan de Oostkaai in Ieper slaan de stad, vastgoedontwikkelaar Hexagon en andere grondeigenaars de handen in elkaar voor een masterplan voor de volledige kaai-zone. Mobiliteit, vergroening en de herontwikkeling van braakliggende terreinen staan centraal.

Cibus-site als hefboom voor bredere herontwikkeling
Vastgoedmakelaar Hexagon kocht recent de voormalige vestiging van veevoederbedrijf Cibus langs de Oostkaai in Ieper. Het terrein van 12.925 vierkante meter kwam in 2018 vrij nadat Cibus verhuisde naar Leievoeders, dat schrijft KW.be.

Volgens Hexagon biedt de site belangrijke troeven: de centrale ligging, de aanwezigheid van het water en de ruimtelijke kansen voor een kwalitatieve herontwikkeling. Om de mogelijkheden en de noden van de omgeving in kaart te brengen, wordt een uitgebreid onderzoek opgestart. Daarnaast is een Brownfieldconvenant aangevraagd.

Samenwerking met stad en omliggende eigenaars
Een Brownfieldconvenant is een instrument van de Vlaamse overheid om onderbenutte terreinen opnieuw te ontwikkelen in samenwerking met lokale en bovenlokale overheden. Schepen van Ruimtelijke Ordening Danny Metsu (Team Ieper) bevestigt dat er overleg loopt met meerdere partijen: niet alleen met Hexagon, maar ook met de eigenaars van Shopping Delva, met eigenaars van percelen in de Paddevijverstraat en met De Vlaamse Waterweg, beheerder van de kaaien en de wegenis langs de Westkaai.

In de Paddevijverstraat liggen nog verschillende onontwikkelde percelen. Die zouden volgens het stadsbestuur pas echt potentieel krijgen wanneer ze in één geïntegreerd plan worden meegenomen.

Mobiliteit, vergroening en parkeerdruk
De stad ziet in de zone rond de Kop van de Kaai, de Oostkaai en de Westkaai meerdere opportuniteiten. Het stadsbestuur wil er de verkeersafwikkeling verbeteren, de openbare ruimte verfraaien en vergroenen, en tegelijk de hoge parkeerdruk aanpakken.

Daarom wordt gewerkt aan een masterplan dat moet uitmonden in een nieuw Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) voor het volledige gebied. De bedoeling is om dat plan tegen de zomer klaar te hebben.

Een dossier met een lange voorgeschiedenis
De plannen bouwen voort op een dossier dat al meerdere legislaturen meegaat. Voormalig schepen van Ruimtelijke Ordening Philip Bolle (Vooruit) herinnert eraan dat in de vorige bestuursperiode al geprobeerd werd om de Cibus-site en de omgeving gezamenlijk te ontwikkelen. Die gesprekken liepen toen vast, onder meer omdat eigenaars van tuinen in de Paddevijverstraat zeer hoge vraagprijzen hanteerden.

Na het mislukken van die onderhandelingen werd de site te koop aangeboden en uiteindelijk door Hexagon aangekocht. Volgens het toen geldende RUP was industriële ontwikkeling mogelijk, maar in de stedelijke visienota werd eerder gemikt op een overgangszone met een mix van wonen, kleinschalige handel – zoals de bestaande doe-het-zelfzaak – en eventueel kantoorruimte.

Westkaai en verlaagde kaaiboorden
Het masterplan omvat ook de Westkaai. De Vlaamse Waterweg liet daar eerder al een studie uitvoeren naar de mogelijkheid om de kaaiboorden te verlagen, naar het voorbeeld van Kortrijk. Die studie toonde aan dat zo’n ingreep ongeveer de helft van de bestaande parkeerplaatsen zou doen verdwijnen.

Gezien de huidige parkeerdruk op de Westkaai werd dat scenario als problematisch beoordeeld. Daarom wordt nu de volledige zone van Oost- en Westkaai samen bekeken. In eerdere denkpistes kwamen onder meer een geïntegreerde parkeervoorziening op de Oostkaai en een gedeeltelijke inbreng van de Cibus-site in beeld. Ook buurtvoorzieningen zoals een kleine supermarkt werden ooit geopperd, maar voorlopig blijven het verkennende ideeën zonder concrete beslissingen.

Knelpunt Polenlaan zorgt voor tijdsdruk
De herinrichting van het kruispunt Oostkaai–Polenlaan maakt deel uit van het stedelijk tienpuntenplan om het centrum verkeersluwer te maken. Dat zorgt voor bijkomende tijdsdruk op het masterplan.

Volgens schepen Metsu is het noodzakelijk om eerst een oplossing te vinden voor dit mobiliteitsknooppunt alvorens verdere stappen in het globale mobiliteitsplan te zetten. In het onderzoek worden verschillende opties bekeken, waaronder een rotonde, eenrichtingsverkeer en tijdelijke proefopstellingen.

De veiligheid van fietsers geldt daarbij als een absolute prioriteit. Tijdens eerdere baggerwerken op het kanaal werd al geëxperimenteerd met eenrichtingsverkeer, maar dat leidde toen niet tot een duidelijke verschuiving van het verkeer naar andere straten.

© Geert Dewaele
Bron:
📌 Krant van West-Vlaanderen (KW.be), “Stad en stakeholders maken masterplan voor Kop van de Kaai: ‘Ook de mobiliteit aanpakken’”, gepubliceerd 21 januari 2026 op KW.be