Post Tagged ‘Restauratie’

Ieper – Het beschermde Tempeliershuis aan de Rijselstraat 70 in Ieper kan een nieuwe bestemming krijgen als hotel. Eigenaar nv Aedific heeft daarvoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Het plan voorziet tien kamers, een lobby, ontbijtruimte, wellness en verschillende gemeenschappelijke voorzieningen. Het openbaar onderzoek liep tot 17 september.

Van voormalig postkantoor naar hotel
Het opvallende gebouw aan de Rijselstraat 70 staat bij veel Ieperlingen bekend als de oude post. Het pand heeft een lange geschiedenis als postgebouw en is beschermd als monument. Volgens de Inventaris Onroerend Erfgoed werd het gebouw in 1897 door de Staat verworven om er een postkantoor van te maken. Het kreeg later onder meer de namen Tempelierssteen en Hooghuis.
Nu ligt er een concreet plan op tafel om het gebouw een toeristische bestemming te geven. Nv Aedific vraagt een vergunning voor de restauratie en herbestemming tot een hotel met tien kamers.

Het plan combineert een nieuwe hotelbestemming met het behoud van een beschermd Iepers monument.

De aanvraag bevindt zich momenteel in eerste aanleg. In Ieper liep volgens de gegevens uit het Omgevingsloket een openbaar onderzoek van 19 augustus tot en met 17 september 2026. Een definitieve vergunning is er dus nog niet.

Restauratie al gedeeltelijk uitgevoerd
Volgens de aanvraag werd het gebouw in de voorbije jaren stelselmatig aangepakt. In 2017 en 2018 werden de buitenschil, gevels, daken en het buitenschrijnwerk gerestaureerd. Ook aan de binnenzijde zijn restauratiewerken bezig.
De plannen stellen dat die werken gebeuren in overleg met het Agentschap Onroerend Erfgoed. Dat het pand beschermd is als monument, wordt ook bevestigd door de officiële erfgoedinventaris. De bescherming dateert van 11 mei 1983.
De eigenaar onderzocht naar eigen zeggen eerder verschillende mogelijke bestemmingen. Daarbij kwamen onder meer kantoorruimte, een co-workinginvulling, detailhandel, een restaurant en private banking aan bod. Volgens de aanvraag bleek vooral de parkeerproblematiek een belangrijke beperking voor verschillende van die scenario’s.

De huidige aanvraag kiest uiteindelijk voor een hotelfunctie.

Tien kamers verspreid over drie verdiepingen
Het ontwerp voorziet tien hotelkamers. De bestaande indeling en structuur van het monument vormen daarbij het uitgangspunt.
Op het gelijkvloers komt aan de zijde van de huidige kleinere lokalen de toegang tot het hotel. De bestaande gang wordt volgens de plannen ingericht met een receptiebalie. De historische eetkamer met houten lambrisering moet opnieuw dienstdoen als zithoek en bibliotheek.
Een eerste kamer wordt op het gelijkvloers ingericht als aangepaste kamer voor personen met een beperkte mobiliteit.
De voormalige lokettenzaal krijgt een nieuwe gemeenschappelijke functie. De grote ruimte met de kenmerkende daklantaarn wordt volgens de aanvraag ingericht als lobby met bar en ontbijtruimte of restaurant.
Op de eerste verdieping komen drie kamers. Een tweede verdieping biedt plaats aan vier kamers en een linnenkamer. De kamers 6, 7 en 8 krijgen door de grote hoogte een halve mezzanine, waarop de badkamers worden voorzien. Kamers 7 en 8 kunnen door een tussendeur ook als familiekamer worden gebruikt.
Op de derde verdieping komen nog twee kamers. De bestaande dakconstructie met gebogen eiken spanten blijft volgens het ontwerp zichtbaar tot in de nok.
Boven de grote zaal wordt daarnaast een vergaderruimte met sanitair en koffiehoek voorzien.

Ook kelder krijgt nieuwe functies
De kelder wordt niet alleen voor technische functies gebruikt. In het voorste gedeelte is een wellnessruimte gepland.
Volgens het aanvraagdossier gaat het om een ruimte met sauna’s, een koud- en warmwaterbad, twee bierspa’s met afzonderlijke kleedruimtes en douches en een massageruimte.
In het centrale gedeelte komt het sanitair. Achteraan wordt de keuken voorzien, met aansluitingen naar de personeelsruimtes en de binnentuin.
De plannen voorzien verschillende toegangen tot de kelder, waaronder trappen vanuit het gebouw en een buitentrap aan het binnenterras.

Toegankelijkheid blijft een aandachtspunt
De herbestemming brengt ook een aantal beperkingen met zich mee omdat het om een bestaand beschermd gebouw gaat.
De aanvraag voorziet een aangepaste hotelkamer op het gelijkvloers. De receptie en de belangrijkste gemeenschappelijke ruimtes zouden toegankelijk worden gemaakt voor personen met een beperkte mobiliteit.
Voor niveauverschillen worden trapliften voorzien. Ook het aangepaste sanitair in de kelder zou op die manier bereikbaar zijn.
De wellnessruimte zelf blijft volgens het dossier niet rolstoeltoegankelijk.
Voor verschillende onderdelen vraagt de bouwheer een afwijking op de toegankelijkheidsverordening. Het gaat onder meer over de vereiste breedte van bepaalde gangen, de verticale circulatie en de afmetingen van de aangepaste badkamer.
De motivatie daarvoor is telkens dezelfde: het gebouw heeft een historische structuur die volgens de aanvrager niet zonder ingrijpende erfgoedingrepen kan worden aangepast.
Voor de hogere verdiepingen is geen personenlift voorzien. De aanvraag stelt dat daar uitsluitend standaardhotelkamers en een linnenkamer komen en dat de publiek toegankelijke functies op het gelijkvloers worden geconcentreerd.

Beperkte wijzigingen aan het bestaande volume
Aan het gebouwvolume zelf zou volgens de aanvraag weinig veranderen. De bestaande inplanting, voorgevelbreedte en het volume blijven behouden.
Een aantal ingrepen was volgens het dossier al eerder vergund. Het gaat onder meer om bijkomende raamopeningen in de topgevels, een nieuwe deur en een aangepaste deur in de zijgevel van het niet-beschermde bijgebouw en het plaatsen van stalen achterzetramen.
Die achterzetramen moeten volgens de aanvraag het thermisch comfort verbeteren zonder het uitzicht van de historische glas-in-loodramen sterk te wijzigen.
Daarnaast zijn verschillende ingrepen voorzien die verband houden met brandveiligheid.

Vluchtwegen worden aangepast
Om aan de brandveiligheidsvereisten te voldoen, voorziet het ontwerp onder meer een vluchtterras op het platte dak en twee uitklapbare vluchtladders aan de binnenkoer.
Ook enkele ramen in de voorgevel zouden worden aangepast zodat ze als vluchtraam kunnen functioneren. Volgens het dossier bieden de bestaande ramen een vrije doorgangsbreedte van ongeveer 55 tot 57 centimeter, terwijl minstens 60 centimeter nodig is.
De voorgestelde oplossing bestaat erin het vaste deel van bepaalde ramen eveneens opendraaiend te maken. Volgens de aanvraag blijft het uitzicht van de ramen daardoor behouden, terwijl een grotere doorgangsopening ontstaat.
De plannen vermelden dat deze oplossing ter plaatse met de erfgoedconsulent werd besproken.

Erfgoed blijft bepalend voor het ontwerp
Het voormalige postgebouw staat officieel geregistreerd als beschermd monument en als vastgesteld bouwkundig erfgoed. De Inventaris Onroerend Erfgoed omschrijft het als een neogotisch postgebouw met zeven traveeën en drie bouwlagen onder een steil zadeldak.
Het gebouw maakt bovendien deel uit van de UNESCO-bufferzone rond het Belfort en de Lakenhallen, volgens de gegevens in het aanvraagdossier.
De aanvraag stelt dat de geplande hotelinvulling geen negatieve impact zou hebben op de erfgoedwaarden. Dat is echter een onderdeel van de argumentatie van de aanvrager en geen vaststelling dat de vergunning al werd verleend.
De verdere beoordeling gebeurt binnen de lopende vergunningsprocedure. Stad Ieper vermeldt dat bij omgevingsvergunningen onder meer een openbaar onderzoek en adviesronde kunnen plaatsvinden en dat voor lokale projecten het college van burgemeester en schepenen bevoegd is om een beslissing te nemen.

Openbaar onderzoek
Wie opmerkingen of bezwaren over het dossier heeft, kon daarvoor gebruikmaken van de procedure van het openbaar onderzoek. Dat onderzoek liep van 19 augustus tot en met 17 september 2026.
Het dossier gaat daarmee over meer dan alleen een functiewijziging. De plannen combineren de restauratie en herbestemming van een beschermd historisch gebouw met een hotelconcept van tien kamers, gemeenschappelijke ruimtes en een wellness.

Of het Tempeliershuis uiteindelijk effectief als hotel zal openen, hangt af van de verdere beoordeling en de beslissing over de aangevraagde omgevingsvergunning.

Lees ook:
Oude postgebouw in Rijselstraat opent uitzonderlijk de deuren in het weekend van 24 en 25 mei na decennialange leegstand – 15/05/2025
Bron: Omgevingsloket Vlaanderen, dossier betreffende de aangevraagde restauratie en herbestemming van het Tempeliershuis, Rijselstraat 70, Ieper. Raadpleging september 2026.

Ken je een nieuwsfeit, initiatief of andere interessante ontwikkeling die we bij Bouwend Ieper kunnen brengen? Laat het ons weten via ‘Contact/Meld ons nieuws’ of stuur je bericht naar Bouwend.Ieper@outlook.be.
Samen houden we Ieper op de hoogte.

Foto Geert Dewaele
Foto JP Vandepitte
Foto JP Vandepitte

💬 Reageer hieronder

Ieper – De Vlaamse overheid trekt 1,13 miljoen euro uit voor de restauratie van vier militaire begraafplaatsen in en rond Ieper. Vooral de omheiningsmuren zijn op verschillende plaatsen in slechte staat. Ook de Commonwealth War Graves Commission draagt financieel bij aan de werken.

Restauratie moet verval tegengaan
Vier militaire begraafplaatsen in de regio Ieper krijgen binnenkort een grondige restauratie. Het gaat om Railway Dugouts Burial Ground en Bedford House Cemetery in Zillebeke, White House Cemetery in Sint-Jan en Belgian Battery Corner Cemetery in Ieper.
De muren rond de begraafplaatsen vormen een belangrijk onderdeel van de geplande werkzaamheden. Op verschillende plaatsen zijn funderingen en voegwerk aangetast en zijn bakstenen en dekstenen beschadigd. De restauratie moet de constructies opnieuw stabiel maken. Beschadigde onderdelen worden vervangen en waar mogelijk worden bestaande materialen opnieuw gebruikt.
De vier locaties zijn beschermde monumenten. Bedford House Cemetery behoort bovendien tot het UNESCO-werelderfgoed. Ook de andere drie begraafplaatsen zijn opgenomen in het beschermde erfgoed.

De investering moet ervoor zorgen dat vier belangrijke oorlogsbegraafplaatsen hun historische en herdenkingsfunctie ook in de toekomst kunnen behouden.

Vlaamse overheid financiert grootste deel
De totale kostprijs van de restauratiewerken wordt geraamd op 1,7 miljoen euro. Vlaanderen neemt daarvan 66 procent voor zijn rekening, goed voor ongeveer 1,13 miljoen euro. De financiering verloopt via het Agentschap Onroerend Erfgoed.
De resterende kosten worden gedragen door de Commonwealth War Graves Commission, de organisatie die verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van Britse en Gemenebestoorlogsbegraafplaatsen.
De Vlaamse overheid koppelt de investering aan het behoud van de herinnering aan de Eerste Wereldoorlog. Minister Ben Weyts benadrukt daarbij dat militaire begraafplaatsen niet alleen historische plaatsen zijn, maar ook een blijvende herinnering vormen aan het oorlogsleed en aan de vele gesneuvelden die in de regio hun laatste rustplaats kregen.

Ieper als belangrijk oorlogslandschap
De omgeving van Ieper was tijdens de Eerste Wereldoorlog jarenlang een van de zwaarst bevochten frontgebieden. Het front kwam er gedurende lange tijd nauwelijks van zijn plaats.
Soldaten uit verschillende delen van het toenmalige Britse Rijk kwamen er om het leven. Onder meer militairen uit Canada, India, Australië en Nieuw-Zeeland werden in de regio begraven. De militaire begraafplaatsen vormen daardoor vandaag een tastbare getuigenis van de internationale dimensie van de oorlog rond Ieper.
Het onderhoud van die sites gaat dan ook verder dan het herstellen van muren of andere bouwelementen. De staat van de begraafplaatsen bepaalt mee hoe bezoekers de historische plaatsen vandaag kunnen beleven.

Ook lokale erfgoedvereniging reageert positief
De New Ypres League verwelkomt de investering. Pierre Legrand, conflictarcheoloog en lid van de organisatie, ziet in het herstel van de begraafplaatsen ook een mogelijkheid om de boodschap van vrede door te geven aan volgende generaties.
Volgens de League wordt daarnaast, samen met de Commonwealth War Graves Commission, de stad Ieper en het Agentschap Onroerend Erfgoed, gewerkt aan het herstel van demarcatiepalen. Die markeringen maken eveneens deel uit van het historische landschap dat aan de oorlog herinnert.
De restauratie van de vier begraafplaatsen past daarmee in een bredere inspanning om het oorlogserfgoed in en rond Ieper in stand te houden.

White House Cemetery in Sint-Jan – © Geert Dewaele
Zoals eerder bericht door:
Vlaanderen trekt 1,1 miljoen euro uit voor restauratie van 4 oorlogsbegraafplaatsen in Ieper – VRT NWS (4 augustus 2026)
Vlaanderen investeert meer dan een miljoen in muren van oorlogskerkhoven: “Ze dreigen instabiel te worden”– Nieuwsblad (4 augustus 2026)
White House Cemetery in Sint-Jan – © Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Ieper – De restauratie van de Ieperse Lakenhallen heeft een symbolisch einde bereikt. Drie vergulde beelden zijn opnieuw op hun historische plaats gezet, waarmee een restauratietraject van bijna zes jaar definitief wordt afgerond.

Restauratie bereikt symbolisch eindpunt
Met de terugplaatsing van de stadsnar, de heraut en reus Goliath is de restauratie van de Lakenhallen volledig voltooid. De drie vergulde beelden werden met een kraan opnieuw op het dak van het monument geplaatst, nadat ze de voorbije maanden van dichtbij konden worden bewonderd tijdens de feestelijke heropening van het gebouw.
Volgens het stadsbestuur vormde de hijsoperatie het symbolische sluitstuk van een omvangrijk restauratieproject dat meerdere jaren in beslag nam.

Verguld koper met een lange toekomst
De drie vergulde beelden lijken massief goud, maar zijn vervaardigd uit rood koper en afgewerkt met een vergulding. Tijdens de restauratie werden ze volledig opgeknapt, zodat ze opnieuw tientallen jaren bestand zijn tegen weer en wind.
De beelden staan opnieuw op de historische hoeken van de Lakenhallen, aan het Nieuwerck, de Boterstraat en de Leet. Bij de restauratie werd ook de positie van de trompet van de heraut opnieuw gecorrigeerd, nadat die sinds een eerdere herplaatsing in de jaren tachtig niet meer volledig overeenkwam met de oorspronkelijke uitvoering.

Met de terugplaatsing van de stadsnar, de heraut en reus Goliath is de restauratie van de Lakenhallen na bijna zes jaar volledig afgerond.

Waarom de beelden langer beneden bleven
De beelden werden niet onmiddellijk na de restauratie terug op het dak geplaatst. Bezoekers kregen tijdens het openingsweekend van de vernieuwde Lakenhallen eerst de gelegenheid om ze van dichtbij te bekijken.
Daarnaast werd onder meer van de stadsnar een driedimensionale scan gemaakt. Die digitale versie diende als basis voor de kleurrijke narren die tijdelijk de nissen van de Lakenhallen sierden tijdens de feestelijke inhuldiging.

Meer vergulde blikvangers op het monument
De drie vergulde beelden maken deel uit van een grotere verzameling vergulde ornamenten op de Lakenhallen. Boven op het belfort staat de draak Margriet, terwijl daaronder ook acht vergulde arenden zichtbaar zijn.
De restauratie heeft volgens de stad niet alleen het gebouw nieuw leven ingeblazen, maar ook de belangstelling voor het erfgoed vergroot. De voorbije jaren verschenen verschillende publicaties over onder meer de stadsnar, Goliath en Margriet. De draak kreeg bovendien pas enkele jaren geleden officieel een naam en groeide intussen uit tot een herkenbaar symbool van de stad.

Kunstproject zichtbaar in het straatbeeld
Wie aandachtig rond de Lakenhallen wandelt, merkt mogelijk ook een opvallende metalen constructie op aan de hoek van de Neermarkt en de Coomansstraat. Die maakt deel uit van een kunstproject van de Palestijnse kunstenaar Ismail Matar, die als artist in residence verbonden is aan het In Flanders Fields Museum.

De installatie onderzoekt het thema ontheemding en legt verbanden tussen historische en hedendaagse conflicten. Fragmenten van het kunstwerk zijn verspreid over de stad te zien, terwijl de volledige installatie deel uitmaakt van de museumwerking.

Kunstproject aan de hoek van de Neermarkt en de Coomansstraat – © Geert Dewaele
De heraut – © Geert Dewaele
Reus Goliath – © Geert Dewaele
Lees ook:
Kleurrijke narren verdwijnen uit gevel van Lakenhallen, maar stad voorziet nieuwe toekomst voor beelden – 28/04/2026
Drie historische vrouwen vereeuwigd op gevel van de Lakenhallen in Ieper – 27/03/2026
Kleurrijke narren sieren gevel van Lakenhallen in Ieper – 17/03/2026
Restauratie Lakenhallen in Ieper loopt 6 miljoen euro hoger op: feestelijke heropening gepland in maart
– 17/02/2026
Zoals eerder bericht door:
Na maanden op de begane grond keren stadsnar, heraut en reus Goliath terug naar hun plek op de Lakenhallen: “We zullen onze gasten missen” – HLN (18 juni 2026)
Topkronen blinken weer op Lakenhallen: “Schitterend sluitstuk van jarenlange restauratie” – Nieuwsblad (18 juni 2026)
De stadsnar – © Geert Dewaele
De heraut – © Geert Dewaele
Reus Goliath – © Geert Dewaele
Reus Goliath en de heraut – © Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Ieper – De kleurrijke narren die de voorbije weken de gevels van de Lakenhallen sierden, zijn weggehaald. De beelden maakten deel uit van de feestelijkheden rond de restauratie van het historische gebouw. Volgens het stadsbestuur verdwijnen ze niet definitief: ze worden bewaard en zullen later opnieuw opduiken bij passende evenementen.

Tijdelijk kleuraccent na restauratie van historisch gebouw
De opvallende narrenbeelden die recent in de gevels van de Lakenhallen verschenen, zijn inmiddels verwijderd. Ze maakten deel uit van de viering rond het einde van een langdurige restauratie van het gebouw, dat erkend is als UNESCO-werelderfgoed.
De figuren trokken meteen de aandacht op de Grote Markt en bleven uiteindelijk langer zichtbaar dan aanvankelijk voorzien. Oorspronkelijk waren ze bedoeld als tijdelijke blikvangers tijdens een reeks evenementen, waaronder het internationale circus- en straattheaterfestival De Gevleugelde Stad in april.
Volgens stadsinformatie gebeurde het verwijderen van de beelden door medewerkers van de technische dienst.

Bewaren in plaats van verwijderen
Tijdens hun aanwezigheid ontstond bij inwoners het idee om de narren niet zomaar te laten verdwijnen. Sommige stemmen suggereerden dat de beelden eventueel verkocht of geveild konden worden als herinnering voor liefhebbers.
Schepen van Evenementen Diego Desmadryl liet weten dat de stad ervoor kiest om de narren te bewaren in een depot van de technische dienst. Hij gaf aan dat het de bedoeling is om de beelden later opnieuw te gebruiken bij evenementen die aansluiten bij het lokale karakter, zoals de Kattenstoet.

Initiatief vanuit het Yper Museum
Het narrenproject kwam tot stand vanuit het Yper Museum. Volgens schepen van Musea Emmily Talpe maakte het project deel uit van een bredere feestwerking rond de Lakenhallen.
In dat kader werd ook een nieuwe erkenning gelanceerd: een orde waarin inwoners kunnen worden opgenomen die zich bijzonder inzetten voor hun stad en medemens. Kandidaten zouden volgens het stadsbestuur jaarlijks genomineerd en verkozen worden.

Verwijzing naar Kattenstoet en lokale traditie
De vormgeving van de narren was niet toevallig. De figuren hielden katten vast, een duidelijke verwijzing naar de traditionele kattenworp vanaf het belfort tijdens de bekende Kattenstoet. Daarmee sloten de beelden inhoudelijk aan bij een van de meest herkenbare tradities van de stad.
Volgens Emmily Talpe waren de reacties op de kleurrijke figuren grotendeels positief. Ze gaf aan dat vooraf niet zeker was hoe het publiek zou reageren, maar dat de beelden volgens haar voor een opvallend en feestelijk accent zorgden aan de doorgaans sobere uitstraling van de Lakenhallen.

Praktische beperkingen door materiaal
Dat de narren slechts tijdelijk zichtbaar waren, had ook technische redenen. De beelden werden vervaardigd met behulp van 3D-printtechniek, waardoor ze betaalbaar konden blijven maar minder geschikt waren voor langdurige blootstelling aan weersomstandigheden.
Volgens Talpe worden de beelden niet weggegooid. Ze stelde dat ze uit het straatbeeld verdwijnen, maar niet uit het collectieve geheugen, en dat ze in de toekomst opnieuw een passende rol zullen krijgen bij activiteiten in de stad.

Lees ook:
Kleurrijke narren sieren gevel van Lakenhallen in Ieper – 17/03/2026
Bron:
Kleurrijke narren worden van Lakenhallen gehaald maar keren terug: “Uit het oog is zeker niet uit het hart” – Nieuwsblad (28 april 2026)

💬 Reageer hieronder

Ieper – Nog geen maand na de afronding van een restauratie van miljoenen euro’s zijn opnieuw ramen beschadigd aan de Lakenhallen. De politie kon een verdachte identificeren, maar de schade zorgt opnieuw voor frustratie bij het stadsbestuur en de technische diensten.

Opnieuw schade aan historisch erfgoed
Kort na het afronden van een restauratie die bijna zes jaar duurde, zijn opnieuw vernielingen vastgesteld aan de Lakenhallen in Ieper. Dit keer werd de toegangsdeur van de openbare toiletten geviseerd en raakten twee ramen beschadigd. Door de schade bleef het sanitaire gedeelte tijdelijk gesloten.
Volgens schepen van Gebouwen en Onroerend Erfgoed Stephaan De Roo gaat het om een nieuwe episode in een lange reeks incidenten. Hij verklaarde dat er sinds de start van de restauratie zeker 35 tot 40 gevallen van vandalisme zijn vastgesteld. Hij omschreef dat als een bijzonder frustrerende vaststelling, zeker nu de werken pas recent werden afgerond.
De restauratie van het monument, dat erkend is als UNESCO-werelderfgoed, kostte naar schatting ongeveer 18 miljoen euro.

Schade komt bovenop miljoeneninvestering
De nieuwe vernieling volgt kort nadat de stellingen rond het gebouw verdwenen. Volgens De Roo wordt het stadsbestuur daardoor opnieuw geconfronteerd met bijkomende kosten. Hij gaf aan dat dit bijzonder demotiverend is voor iedereen die betrokken was bij de restauratie.
Hoofd van de technische dienst Stijn Fertin gaf aan dat de herstelling van beschadigde ramen aanzienlijk kan oplopen. Op basis van eerdere schadegevallen schat hij de kost op ongeveer 380 euro per raam. In dit geval gaat het om twee beschadigde ramen. Hij stelde dat de kosten op de dader zullen worden verhaald.
Fertin benadrukte daarnaast dat vandalisme moeilijk volledig te voorkomen is. Volgens hem blijft het belangrijk om schade zo snel mogelijk te herstellen, omdat achterstallige herstellingen nieuwe vernielingen kunnen uitlokken.

Camerabewaking leidt tot identificatie verdachte
In het centrum van Ieper werden de voorbije jaren extra camera’s en verlichting geplaatst, onder meer bij de heraanleg van het Sint-Maartensplein en de Leet. Dankzij camerabeelden kon de politie inmiddels een verdachte identificeren.
De Roo verklaarde dat de identificatie als een positief signaal wordt gezien en dat men tevreden is over de werking van de camerabewaking.

Terugkerend probleem op verschillende locaties
Niet alleen de ramen van de Lakenhallen blijken kwetsbaar. In de doorgang onder het belfort, de Donkerpoort, blijft men volgens de technische dienst kampen met overlast. Extra verlichting blijkt daar onvoldoende om problemen zoals wildplassen tegen te gaan.
Volgens Fertin werd er bewust voor gekozen om de doorgang ’s avonds open te houden, in tegenstelling tot de situatie vóór de restauratie. Daarbij werd ingezet op verlichting en camerabewaking, maar dat blijkt niet altijd een afdoende oplossing.
Hij gaf ook aan dat in bepaalde periodes vaker schade optreedt. Tijdens evenementen en kermissen worden volgens hem regelmatig opnieuw ruitjes beschadigd.

Oproep tot verantwoordelijkheid
De Roo stelde dat het vandalisme vaak wordt toegeschreven aan jongeren die zich vervelen en doelloos rondlopen. Hij deed een oproep aan jongeren en hun ouders om alternatieven te zoeken voor destructief gedrag.
Volgens hem bestaan er in de stad voldoende jeugdverenigingen en jeugdhuizen waar jongeren zich kunnen engageren en ontspannen.

Herstel gepland vóór komende evenementen
De stad wil de beschadigde ramen zo snel mogelijk herstellen. Dat gebeurt onder meer met het oog op aankomende activiteiten in de stad, zoals het internationale promotiefestival voor circus en straattheater De Gevleugelde Stad, dat van 10 tot en met 12 april plaatsvindt.
De Roo gaf aan dat het belangrijk is dat de stad zich bij dergelijke evenementen van haar beste kant kan tonen.

© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Bron:
Pollie, J. (9 april 2026). Ook na restauratie vandalisme bij Lakenhallen in Ieper: “40e keer in 6 jaar” | VRT NWS Nieuws. VRTNWS. https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/04/09/ook-na-restauratie-vandalisme-bij-lakenhallen-in-ieper-40e-kee/

https://www.nieuwsblad.be/binnenland/de-stellingen-zijn-net-weg-en-er-sneuvelen-alweer-ramen-in-de-lakenhallen-blind-en-wild-vandalisme/145445387.html
Lees ook:
Drie historische vrouwen vereeuwigd op gevel van de Lakenhallen in Ieper – 27/03/2026
Museumcafé heropent terras tussen Lakenhallen, stad bekijkt glazen dak maar houdt hand op de knip – 5/03/2026
Restauratie Lakenhallen in Ieper loopt 6 miljoen euro hoger op: feestelijke heropening gepland in maart
– 17/02/2026
Extra Vlaamse middelen ronden restauratie Lakenhallen en Belfort in Ieper af – 8/01/2026

,

Ieper – De gevel van de Lakenhallen kreeg er drie nieuwe stenen vrouwenhoofden bij. De beelden eren historische figuren die een belangrijke rol speelden in het onderwijs, de kunst en de fotografie. De toevoeging vormt het symbolische sluitstuk van de recente restauratiewerken aan het iconische gebouw.

Nieuwe gezichten op historische gevel
Tijdens restauratiewerken aan de Lakenhallen bleek dat zes oorspronkelijke gevelkopjes onherkenbaar beschadigd waren geraakt. Dat bood volgens het stadsbestuur en het Yper Museum een kans om nieuwe, inhoudelijk betekenisvolle figuren toe te voegen.
Schepen Emmily Talpe gaf aan dat het museum dit moment beschouwde als een gelegenheid om de gevel een uitgesproken lokaal karakter te geven. Volgens haar werden eerder al drie beschadigde kopjes vervangen door kattenkopjes, ontworpen door Ieperse kunstenaars en geselecteerd door een jury. Met de nieuwste toevoeging wilde de stad ook historische vrouwen zichtbaar maken in het straatbeeld.

Volgens Talpe wilde men daarmee tonen dat Ieper niet alleen bekendstaat als kattenstad, maar dat vrouwen historisch eveneens een belangrijke rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van de stad.

Drie vrouwen met blijvende invloed
De drie nieuwe beelden verwijzen naar vrouwen die elk op hun manier bijdroegen aan het sociale en culturele leven in Ieper.

Onderwijs: Clara Francisca van Zuytpeene Lamotte
Clara Francisca van Zuytpeene Lamotte (1726–1772) gaf onderwijs in haar woning op de Kiekenmarkt. Haar initiatief groeide uit tot een armenschool, die later verhuisde naar de Rijselstraat. Op die locatie bevindt zich vandaag het Technisch Instituut Immaculata.
Tijdens de plechtigheid was een delegatie van de school aanwezig. Geschiedenislerares Miriam Vandenberghe verklaarde dat Lamotte volgens haar een vooruitstrevende vrouw was die in 1752 een meisjesschool oprichtte voor arme kinderen, wat in die periode volgens haar uitzonderlijk was. Ze stelde dat dit initiatief meisjes uit de stad betere kansen gaf om zich te ontwikkelen.

Centraal Clara Van Zuytpeene Lamotte – © Geert Dewaele

Kunst: Louise De Hem
Louise De Hem (1866–1922) geldt als een van de bekendste kunstenaars uit Ieper. Haar schilderijen bereikten een internationaal publiek, met tentoonstellingen in onder meer Londen, Parijs en Chicago.
Door haar opname in de gevel krijgt ook de artistieke traditie van de stad een zichtbare plaats in het historische monument.

Fotografie: Léontine Permeke
Léontine Permeke (1858–1923) was actief als fotografe in Ieper en maakte vooral portretten van individuen en groepen. Haar zonen Maurice en Robert sloten zich later aan bij haar zaak.
Maurice Permeke verwierf bekendheid met bekroonde foto’s van zijn geboortestad, terwijl Robert Permeke internationaal aandacht kreeg met beelden van de verwoesting van Ieper tijdens de Eerste Wereldoorlog, waaronder foto’s van de brandende Lakenhallen.

Artistieke uitwerking en restauratie
De stenen hoofden zijn gebaseerd op portretten van kunstenares Nadine van Imschoot, leerkracht beeldende kunst aan de Ieperse kunstacademie en actief als zelfstandig kunstenaar. Zij maakte de ontwerpen die als basis dienden voor de uiteindelijke stenen sculpturen.
Van Imschoot gaf aan dat zij het belangrijk vond om historische vrouwen zichtbaarheid te geven en beschouwde haar bijdrage als een manier om aandacht te vestigen op hun rol in de geschiedenis.
Volgens restauratiearchitect Mieke Goegebuer vormt de plaatsing van de drie beelden het afrondende moment van de restauratie van de Lakenhallen. Ze omschreef de toevoeging als bijzonder omdat het om een nieuwe historische laag gaat in een bestaand monument.

Symbolische afronding van restauratie
Met de toevoeging van drie vrouwenhoofden krijgt de gevel niet alleen een vernieuwd uiterlijk, maar ook een bredere historische betekenis. De combinatie van eerdere kattenkopjes en nieuwe vrouwenportretten toont hoe hedendaagse keuzes historische gebouwen kunnen verrijken zonder hun erfgoedwaarde uit het oog te verliezen.
De onthulling wordt daarom beschouwd als een symbolisch slotstuk van een restauratieproces dat zowel herstel als vernieuwing omvatte.

© Geert Dewaele
© Geert Dewaele
Eerder beschadigde kopjes werden vervangen door kattenkopjes – © Geert Dewaele
© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Bron:
Struyve, S. (26 maart 2026). 3 belangrijke Ieperse vrouwen krijgen beeldje van hun hoofd op gevel Lakenhallen | VRT NWS Nieuws. VRTNWS. https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/03/26/3-belangrijke-ieperse-vrouwen-krijgen-beeldje-van-hun-hoofd-op-g/
Lees ook:
Kleurrijke narren sieren gevel van Lakenhallen in Ieper – 17/03/2026
Museumcafé heropent terras tussen Lakenhallen, stad bekijkt glazen dak maar houdt hand op de knip – 5/3/2026
Restauratie Lakenhallen in Ieper loopt 6 miljoen euro hoger op: feestelijke heropening gepland in maart – 17/02/2026

Ieper – De Lakenhallen krijgen een opvallende, tijdelijke invulling. Tientallen kleurrijke narren duiken op in de gevel van het historische gebouw en zetten zo het feestweekend rond de vernieuwde site extra in de verf.

Narren brengen beweging in het straatbeeld
Wie door het centrum van Ieper wandelt, kan er niet naast kijken: in de nissen tussen de gotische ramen van de Lakenhallen staan sinds deze week talrijke narren opgesteld. De felgekleurde figuren volgen het ritme van de gevel en springen meteen in het oog.
De plaatsing gebeurde gespreid, onder meer om de praktische organisatie voor de stadsdiensten beheersbaar te houden.

Feestelijke aankleding van een restauratie
De installatie maakt deel uit van het evenement ‘Lakenhallen in ’t nieuw’, dat van 19 tot en met 22 maart plaatsvindt. Met de narren en bijhorende vlaggen kiest de stad voor een visuele en toegankelijke manier om de restauratie van het gebouw extra onder de aandacht te brengen.
Volgens schepen Emmily Talpe past de ingreep binnen een bredere aanpak om het erfgoed op een originele en kleurrijke manier te presenteren. In haar toelichting gaf ze aan dat de aankleding bedoeld is als een feestelijke omkadering van het weekend.
De narren blijven nog enkele weken zichtbaar, tot en met het evenement Gevleugelde Stad.

Programma met focus op beleving
Naast de visuele ingreep voorziet de stad ook een inhoudelijk programma. Op donderdag 19 maart wordt in de Koninklijke Zaal het voorleesboek Nar in de war voorgesteld. De eerste kopers ontvangen daarbij een gecertificeerde leisteen van de Lakenhallen.
Op zondag volgt de bekendmaking van de eerste leden van de ‘Orde van de Ypersche Nar’. Dat initiatief zet inwoners in de kijker die volgens het stadsbestuur bijdragen aan de uitstraling van Ieper. Na de ceremonie worden de winnaars publiek gemaakt op de markt.

Lokale betrokkenheid centraal
De oproep ‘Wie geeft Ieper kleur?’ leverde volgens het stadsbestuur een groot aantal nominaties op. Uiteindelijk wordt een beperkte groep laureaten geselecteerd.
Met deze combinatie van erfgoed, visuele ingrepen en participatie wil de stad een breed publiek aanspreken en het vernieuwde gebouw opnieuw stevig verankeren in het stadsleven.

© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Bron:
https://www.hln.be/ieper/ieper-plaatst-narren-op-lakenhallen-als-aanloop-naar-feestweekend-de-nar-vormt-de-rode-draad~a27779d9/

,

Ieper – Na jaren van restauratie is de binnenkoer van de Lakenhallen opnieuw toegankelijk en duikt meteen een oude discussie op. Terwijl het museumcafé zijn terras heropent, groeit het politieke debat over een mogelijke overkapping van de historische site.

Terras heropent na lange restauratie
Na een restauratieperiode van ongeveer vier jaar is de binnenkoer van de Lakenhallen in Ieper opnieuw vrijgemaakt. Daarmee kan het museumcafé voor het eerst in jaren opnieuw een terras uitbaten op deze centrale plek.
Uitbater Jonas Bevernage geeft aan dat hij daar lang naar heeft uitgekeken en dat het terras inmiddels opnieuw volledig is ingericht. De heropening valt samen met het eerste zachte lenteweer, wat meteen zorgt voor een symbolische start van het terrasseizoen op de site.
De binnenkoer maakte tot voor kort deel uit van een werfzone tijdens de restauratiewerken aan de Lakenhallen, die erkend zijn als werelderfgoed en onderdak bieden aan onder meer het In Flanders Fields Museum en het Yper Museum.

Nieuwe toegang moet breder publiek aantrekken
Met het afronden van de werken zijn ook de toegangen tot het complex aangepakt. Bezoekers kunnen het museumcafé bereiken via de vernieuwde Donkerpoort, maar ook via een heringerichte toegang aan de Coomansstraat.
Volgens de uitbater biedt die extra toegang kansen om niet alleen toeristen, maar ook inwoners uit de regio sterker aan te trekken. De site wordt daarmee nadrukkelijker gepositioneerd als een ontmoetingsplek voor een breder publiek.

Politiek debat over toekomst van de binnenkoer
De heropening van de binnenkoer brengt ook een beleidsvraag opnieuw onder de aandacht: hoe kan deze ruimte in de toekomst beter benut worden?
Tijdens een recente gemeenteraadszitting pleitte oppositiepartij Vooruit voor een ingreep die verder gaat dan enkel het heropenen van het terras. Raadslid Philip Bolle stelde dat het museumcafé en de binnenkoer momenteel onvoldoende aansluiten bij de internationale ambities van de musea op de site. Volgens hem oogt de horecazaak verouderd en is een bredere herinrichting nodig.
Bolle gaf daarbij aan dat het binnenplein vandaag vaak onaangenaam is door wind, beperkte zoninval en lage temperaturen. In zijn visie biedt een overkapping met glas nieuwe mogelijkheden voor horeca, evenementen en verenigingsleven.

Overkapping onderzocht, maar zonder budget
Het stadsbestuur sluit het idee van een overkapping niet uit, maar benadrukt dat dit geen project voor de korte termijn is. Schepen voor musea en patrimonium Emmily Talpe wijst erop dat de prioriteit momenteel ligt bij de grootschalige vernieuwing van het In Flanders Fields Museum.
Volgens haar wordt de piste van een overkapping wel onderzocht in het kader van toekomstige museumontwikkeling. Daarbij ligt de focus voorlopig op een kleinere binnenkoer, waar een overkapping mogelijk het onthaal van de musea kan verbeteren.
Een belangrijke hinderpaal blijft het financiële plaatje. Talpe benadrukt dat zowel de investering als het onderhoud zorgvuldig moeten worden afgewogen.

Druk om tempo te maken
Vanuit de oppositie klinkt de oproep om het dossier sneller vooruit te trekken. Volgens Bolle vergt een project van deze omvang een lange voorbereiding en dreigt uitstel de realisatie aanzienlijk te vertragen.
Hij waarschuwt dat zonder tijdige opstart een eventuele overkapping pas binnen tien jaar gerealiseerd zou kunnen worden.

Samenvatting en context
De heropening van het terras op de binnenkoer markeert een nieuw hoofdstuk voor de Lakenhallen na jaren van restauratie. Tegelijk toont het debat over een mogelijke overkapping aan dat de toekomst van de site nog volop in ontwikkeling is.
Waar horeca-uitbaters kansen zien in hernieuwde toegankelijkheid, botsen ambities voor verdere infrastructuur op budgettaire realiteit en beleidskeuzes.

© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder

Bron:
https://kw.be/nieuws/politiek/lokale-politiek/gemeenteraad/nu-museumcafe-eindelijk-weer-een-terras-kan-zetten-tussen-de-lakenhallen-onderzoekt-de-stad-een-glazen-dak-maar-er-is-nog-geen-budget/

Pattyn, T. (5 maart 2026). Nu museumcafé eindelijk weer een terras kan zetten tussen de Lakenhallen onderzoekt de stad een glazen dak: “Maar er is nog geen budget.” Nieuwsblad. https://www.nieuwsblad.be/regio/west-vlaanderen/westhoek/ieper/nu-museumcafe-eindelijk-weer-een-terras-kan-zetten-tussen-de-lakenhallen-onderzoekt-de-stad-een-glazen-dak-maar-er-is-nog-geen-budget/139308998.html