Post Tagged ‘Ieper’

De Menenpoort kant Frenchlaan

Ieper – De restauratie van de Menenpoort in Ieper is volop aan de gang. Het iconische oorlogsmonument krijgt een grondige opfrissing die niet alleen schade moet herstellen, maar ook het behoud op lange termijn moet verzekeren. De werken lopen over twee jaar en kosten ruim vier miljoen euro.

Restauratie van internationaal herdenkingssymbool
De werkzaamheden aan de Menenpoort gingen van start op 17 april 2023. Het monument, dat sinds 1927 meer dan 54.000 vermiste soldaten uit het Gemenebest herdenkt, behoort tot de bekendste herdenkingsplaatsen van de Eerste Wereldoorlog in Vlaanderen. Jaarlijks trekt de site bezoekers uit onder meer het Verenigd Koninkrijk, België, Nederland en Australië.
Volgens eerder technisch onderzoek waren er geen acute stabiliteitsproblemen, maar drongen conserveringswerken zich wel op om verdere slijtage en schade te vermijden.

Dak en gevels aangepakt
Een van de grootste aandachtspunten was de waterinfiltratie via het dak. Om bijkomende schade te voorkomen, werd eerst een asbesthoudende laag boven het binnengewelf verwijderd. Daarna startte de vernieuwing van de dakafdichting.
Opvallend is dat het dak ook een groene afwerking krijgt met een dunne vegetatielaag. Daarnaast worden baksteengevels gereinigd, beschadigde stenen vervangen en voegen vernieuwd.
Ook verschillende natuurstenen onderdelen van het monument worden behandeld, waaronder de naampanelen, de leeuw bovenop het monument en de sarcofaag op het dak. Verder zijn herstellingen gepland aan plafonds, traptorens, kelders en de bronzen ronde dakopeningen.

De restauratie moet de Menenpoort beschermen tegen verdere aantasting en tegelijk het historische karakter bewaren

Oorlogssporen blijven zichtbaar
Niet alle beschadigingen verdwijnen tijdens de restauratie. Kogelinslagen uit de Tweede Wereldoorlog blijven bewust behouden als zichtbaar onderdeel van de geschiedenis van het monument.
Tijdens de werken zijn de bekende naampanelen afgeschermd. Bezoekers kunnen de namen van de vermiste soldaten digitaal raadplegen in het informatiecentrum van de Commonwealth War Graves Commission in de Menenstraat. Naast de Menenpoort loopt ook een tijdelijke tentoonstelling rond de geschiedenis van het monument.

Internationale financiering
De restauratie wordt grotendeels betaald door de Commonwealth War Graves Commission, die ondersteund wordt door zes Commonwealthlanden: het Verenigd Koninkrijk, Australië, Canada, Nieuw-Zeeland, India en Zuid-Afrika.
Daarnaast voorziet Vlaanderen een restauratiepremie van 1,6 miljoen euro binnen het kader “Erfgoed en Toerisme”. Ook de stad Ieper draagt financieel bij met een subsidie van 300.000 euro.

Verkeer en dagelijkse Last Post aangepast
De werken hebben ook gevolgen voor de bereikbaarheid rond de Menenpoort. Voetgangers kunnen de stad blijven bereiken via twee tunnels. Fietsers mogen in beide richtingen door de poort rijden, terwijl autoverkeer enkel stadsinwaarts toegelaten blijft.
De dagelijkse Last Post-ceremonie om 20 uur blijft doorgaan, maar verhuisde tijdelijk van locatie. Door praktische beperkingen op de werf en de plaatsing van een werfkraan werd gekozen voor de toegangsbrug aan de kant van de Frenchlaan. Die plek blijkt bovendien toegankelijker voor rolstoelgebruikers.
Ook evenementen zoals de Kattentoet en wielerwedstrijd Gent-Wevelgem kunnen blijven plaatsvinden, zij het met aangepaste circulatie.

Historische schets siert werf
De stellingen rond de Menenpoort werden bekleed met grote doeken waarop een oorspronkelijke ontwerptekening van architect Reginald Blomfield te zien is. De schets dateert uit 1921 en toont enkele verschillen met het uiteindelijke monument.
Vooral de afbeelding van de leeuw trekt aandacht. Op de historische tekening lijkt het dier te rusten, terwijl de huidige leeuw waakzaam over de stad uitkijkt. Die tegenstelling roept vragen op over de symboliek achter het oorspronkelijke ontwerp.

Meer info via www.cwgc.org of ga langs in het informatiecentrum van de CWGC in de Menenstraat 33 in Ieper.
De tijdelijke CWGC- tentoonstelling ‘Menin Gate: Moments’
© Geert Dewaele

De Menenpoort gezien vanuit de Kiplinglaan
De Menenpoort gezien vanuit Hoornwerk
De Menenpoort gezien vanuit de Bollingstraat

💬 Reageer hieronder

Ieper – Het Tempelierssteen in de Rijselstraat in Ieper staat al jarenlang leeg en toont steeds meer tekenen van verval. Ondanks verschillende ambitieuze plannen voor herbestemming blijft een concrete doorbraak uit. Het beschermde gebouw roept daardoor steeds meer vragen op over de toekomst van één van de oudste historische panden van de stad.

Historisch gebouw krijgt steeds meer te lijden onder leegstand
Wie de voorbije weken door de Rijselstraat wandelde, merkte wellicht de staat van het voormalige postgebouw op. Aan de gevel van het Tempelierssteen hangt intussen een waarschuwingsbord dat voorbijgangers vraagt voldoende afstand te houden wegens mogelijk slipgevaar. Mosvorming en uitwerpselen van duiven versterken de verwaarloosde indruk van het beschermde gebouw.
Het pand op nummer 70 staat al bijna 27 jaar leeg. Tot 1997 deed het dienst als postgebouw, maar sinds het vertrek van De Post kreeg het gebouw geen nieuwe invulling meer. Doorheen de jaren doken verschillende kandidaat kopers en projectontwikkelaars op, telkens met uiteenlopende plannen. Die voorstellen strandden echter op stedenbouwkundige en erfgoedtechnische beperkingen.

Eén van de oudste historische gebouwen van Ieper
Het Tempelierssteen behoort tot de oudste waardevolle gebouwen van Ieper. De oorsprong van het pand gaat terug tot de 13de eeuw. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het grotendeels vernield, waarna het na de oorlog opnieuw werd opgebouwd volgens de oorspronkelijke plannen.
Door zijn historische waarde geniet het gebouw bescherming als erfgoedsite, wat renovatieprojecten extra complex maakt.

Bijna drie decennia leegstand wegen steeds zwaarder op één van de meest waardevolle historische gebouwen van Ieper

Plannen voor luxehotel verdwenen in de koelkast
Sinds 2009 is het gebouw eigendom van de Brusselse vastgoedvennootschap Aedific NV. Het bedrijf is actief in vastgoedontwikkeling en vastgoedbeheer.
In 2013 werden plannen voorgesteld om het Tempelierssteen om te vormen tot een kleinschalig luxehotel met elf kamers en een restaurant. Dat project kwam uiteindelijk niet van de grond omdat de brandveiligheidsvereisten moeilijk verenigbaar bleken met de erfgoedstructuur van het gebouw.
Voor de restauratie werd eerder wel financiële steun aangekondigd. De toenmalige Vlaamse minister bevoegd voor Onroerend Erfgoed, Geert Bourgeois, kende een subsidie van ruim 314.000 euro toe. Ook provinciale en stedelijke steun maakten deel uit van de plannen.

Ook kantoorproject leverde geen doorbraak op
Enkele jaren later leek er opnieuw beweging te komen. In 2017 verdwenen delen van de gevel achter stellingen en werden renovatiewerken aangekondigd. Het project voorzag vijftien kantoorruimtes met vergaderzalen. De investering werd toen geraamd op ongeveer anderhalf miljoen euro en de werken zouden begin 2018 afgerond zijn.
Na die aankondiging bleef het echter opnieuw stil rond het dossier.
In 2023 doken opnieuw signalen op dat Aedific samen met een vastgoedkantoor werkte aan een nieuwe piste voor het gebouw. Concrete resultaten of zichtbare werken bleven voorlopig uit.

Onzekerheid blijft duren
Vandaag blijft het Tempelierssteen een opvallende leegstaande plek in het centrum van Ieper. De combinatie van historische waarde, beschermde status en complexe renovatievereisten maakt het dossier bijzonder moeilijk. Tegelijk groeit de bezorgdheid over de verdere achteruitgang van het gebouw.
Voorlopig blijft het afwachten of er alsnog een duurzame herbestemming komt die het historische pand opnieuw leven kan geven.

Tempelierssteen januari 2024: slipgevaar door duivenpoep en mos?
Maart 2017: Tempeliershof in de steigers

💬 Reageer hieronder

© Geert Dewaele

Ieper – Vanaf januari is het Jan Yperman Ziekenhuis in Ieper beter bereikbaar met het openbaar vervoer. Tegelijk beslist het ziekenhuis om vanaf 1 mei het eigen pendelbusje tussen Ieper en Poperinge stop te zetten. Volgens het ziekenhuis spelen dalende gebruikerscijfers, hoge kosten en nieuwe alternatieven daarin een belangrijke rol.

Betere bereikbaarheid met De Lijn
Sinds de invoering van de nieuwe dienstregeling van De Lijn op 6 januari, rijden er niet langer één maar drie buslijnen langs het Jan Yperman Ziekenhuis in Ieper. Het gaat om de lijnen 90, 91 en 92. Daardoor kunnen reizigers op weekdagen ongeveer elke vijftien minuten een verbinding nemen van of naar het ziekenhuis. Op zondag geldt een frequentie van ongeveer een halfuur.
De aangepaste regeling zorgt voor bijkomende verbindingen richting onder meer Diksmuide, Poperinge, Roeselare en Zonnebeke. Ook de bereikbaarheid tussen de verschillende ziekenhuiscampussen is volgens het ziekenhuis verbeterd.
Volgens Katelijne Vanbeselaere van het Jan Yperman Ziekenhuis onderzoekt Stad Ieper bovendien de mogelijkheid om van de site een volwaardig Hoppin-punt te maken. Dat zou het ziekenhuis uitbouwen tot een centrale overstapplaats waar verschillende vervoersmiddelen samenkomen. Daarbij wordt ook gekeken naar de mogelijke komst van deelfietsen.

Pendelbus stopt op 1 mei
Tegelijk verdwijnt vanaf 1 mei het pendelbusje tussen de campussen van Ieper en Poperinge. De Raad van Bestuur van het ziekenhuis nam daar recent een beslissing over na een evaluatie van het gebruik, de kostprijs, de toegankelijkheid en de beschikbare alternatieven.
Volgens het ziekenhuis is het aantal gebruikers de voorbije jaren sterk teruggelopen. Vergeleken met 2016 zou het gebruik ongeveer gehalveerd zijn. Gemiddeld maken dagelijks een veertigtal mensen per opstapplaats gebruik van het systeem, verspreid over meer dan dertig ritten per dag.

De uitbreiding van het openbaar vervoer rond het ziekenhuis gaat samen met het verdwijnen van het eigen pendelbusje tussen Ieper en Poperinge


Daarnaast wijst het ziekenhuis op de hoge exploitatiekosten van het pendelbusje. Volgens de directie ligt de kostprijs per rit inmiddels hoger dan een taxiverplaatsing tussen Poperinge en Ieper.

Alternatieven voor patiënten en bezoekers
Het ziekenhuis benadrukt dat er ondertussen alternatieven beschikbaar zijn. Op weekdagen rijdt er elk uur een rechtstreekse lijnbus tussen beide campussen. Voor minder mobiele reizigers bestaan daarnaast systemen zoals Mobitwin Nestor of aangepast ziekenvervoer.
Het ziekenhuis voert ook gesprekken met De Lijn om te bekijken of bijkomende oplossingen mogelijk zijn voor extra kwetsbare patiënten en bezoekers.

Overzicht van de betrokken lijnen
De nieuwe busverbindingen rond het Jan Yperman Ziekenhuis bestaan uit:
De nieuwe lijn 92 Poperinge – Ieper – JYZ – Merkem – Diksmuide heeft 9 opstapplaatsen op Poperings grondgebied en 11 in Diksmuide.
De nieuwe lijn 90: Ieper – JYZ – Zonnebeke – Moorslede – Roeselare
De gewijzigde lijn 91: Ieper – JYZ – Langemark – Staden – Kortemark –Torhout

💬 Reageer hieronder

© Geert Dewaele
,

Vlamertinge – Firma Valcke uit Vlamertinge wil een eigen windmolen bouwen op haar bedrijfsterrein. Samen met de bestaande zonnepanelen zou het bedrijf daarmee volledig in zijn eigen elektriciteitsverbruik kunnen voorzien. De plannen worden eind januari toegelicht aan buurtbewoners en gaan later naar de provincie voor vergunning.

Bedrijf zet in op eigen energieproductie
Op het industrieterrein van Vlamertinge plant Firma Valcke de bouw van een windmolen met een tiphoogte van 77 meter. Daarmee blijft het project opvallend kleiner dan andere windturbines in de regio. De windmolens in Poperinge reiken tot ongeveer 140 meter, terwijl eerder besproken plannen in Ieper turbines tot 230 meter hoog voorzagen.
Volgens het bedrijf past een kleinere installatie beter binnen de omgeving van de site. De windmolen zou een vermogen krijgen van 900 kW en jaarlijks ongeveer 1.200 megawattuur elektriciteit produceren. Dat stemt overeen met het gemiddelde jaarlijkse verbruik van zowat 350 gezinnen.
Valcke beschikt vandaag al over zonnepanelen die naar eigen zeggen ongeveer 60 procent van de elektriciteitsbehoefte van het bedrijf dekken. Met de bijkomende windenergie wil het bedrijf volledig zelfvoorzienend worden voor elektriciteit.

Bescherming tegen hoge energieprijzen
De investering wordt door het bedrijf omschreven als een stap richting meer energiezekerheid en een lagere afhankelijkheid van schommelende energieprijzen. Daarnaast ziet Valcke het project als een bijdrage aan de eigen klimaatdoelstellingen.

Met zonnepanelen en een eigen windmolen wil Firma Valcke volledig zelfvoorzienend worden voor elektriciteit.

Op momenten waarop het bedrijf minder stroom verbruikt, bijvoorbeeld ’s avonds of tijdens weekends, zou een deel van de opgewekte energie beschikbaar kunnen worden gemaakt voor buurtbewoners. Daarbij wordt gedacht aan een voordelige laadformule voor elektrische voertuigen in de directe omgeving.

Nadruk op beperkte hinder voor omgeving
Het bedrijf benadrukt dat de windmolen op het eigen industrieterrein komt, op maximale afstand van de meeste woningen. Volgens Valcke blijft de installatie vanuit het dorpscentrum beperkt zichtbaar door de aanwezige bedrijfsgebouwen, betoncentrales en de bomenrij langs de Noorderring.
Daarnaast stelt het bedrijf dat de turbine zou voldoen aan de wettelijke normen rond geluid en slagschaduw. Ook op het vlak van impact op vogels verwacht men volgens de huidige inschatting geen grote problemen.
Valcke verwacht daarom weinig lokaal verzet tegen het project, al moet de vergunningsprocedure nog worden doorlopen.

Infomarkt en vergunningsaanvraag
De plannen worden op woensdag 24 januari voorgesteld tijdens een infomarkt. Daarnaast voorziet het bedrijf ook een informatiefolder en een webpagina om buurtbewoners verder te informeren.
Voor de vergunning gaat Valcke eveneens in overleg met de stad Ieper. Uiteindelijk ligt de beslissing bij de provincie, waar de aanvraag in de loop van 2024 verwacht werd.

Lees ook:
Windmolendebat in Ieper blijft aanslepen: protest groeit rond plannen langs Noorderring – 01/12/2023
Zoals eerder bericht door:
www.valcke-prefab.be/nl/molen-van-valcke
Foto Valcke Beton

💬 Reageer hieronder

© Geert Dewaele

Dikkebus – Overvloedige regenval deed Dikkebusvijver de voorbije weken stijgen tot boven de maximale watergrens. De uitzonderlijke situatie brengt oude bezorgdheden over het sluizencomplex onder de historische Vaubantoren opnieuw naar voren. In de Ieperse gemeenteraad werd gevraagd hoe veilig de constructie vandaag nog is.

Bezorgdheid over veiligheid van het sluizencomplex
Tijdens een gemeenteraadszitting in december 2023 vroeg gemeenteraadslid Stephen De Roo aandacht voor de toestand van het sluizencomplex onder de Vaubantoren aan de Dikkebusvijver. Volgens hem leefden er al langer vragen over het onderhoud van de schotbalken en de algemene betrouwbaarheid van het systeem.
De bezorgdheid kwam er in een periode waarin West Vlaanderen geconfronteerd werd met zware wateroverlast. Daarbij werd ook breder gekeken naar de stabiliteit en veiligheid van waterbekkens in de provincie.
Dikkebusvijver ligt hoger dan de stad Ieper. Het hoogteverschil bedraagt ongeveer 7,5 meter. Daardoor zou een technisch defect aan het sluizensysteem ernstige gevolgen kunnen hebben indien het waterpeil plots ongecontroleerd zou dalen.

Historische constructie met belangrijke functie
De Vaubantoren aan de noordoever van de vijver dateert uit de periode tussen 1678 en 1684 en maakte deel uit van de historische verdedigingsgordel rond Ieper. Het ontwerp wordt toegeschreven aan de Franse vestingbouwer Sébastien Le Prestre de Vauban.
Onder de toren bevindt zich het sluizencomplex dat vroeger een belangrijke rol speelde in de watertoevoer naar de stad. Tot 1926 werd van daaruit de waterregeling beheerd.
De vijver is eigendom van de stad Ieper, terwijl ook de provincie betrokken is bij het beheer. De Vaubantoren zelf bevindt zich in privébezit.

De recente wateroverlast heeft de aandacht opnieuw gevestigd op de toekomst en betrouwbaarheid van het historische sluizencomplex aan Dikkebusvijver


Stad onderzoekt toekomst van het systeem
Schepen Patrick Benoot verklaarde tijdens de gemeenteraad dat het sluizencomplex bestaat uit een eerste sluis onder de toren en een smallere sluis verder stroomafwaarts.
Volgens het stadsbestuur verkeerden de aanwezige balken op dat moment nog in goede staat. Tijdens de recente periodes van wateroverlast zou het systeem bovendien naar behoren hebben gefunctioneerd.
Tegelijk erkent de stad dat de toekomst van de installatie onderzocht wordt. Daarover lopen gesprekken met de provinciale waterbeheerders. Zowel het behoud van het bestaande sluizencomplex als de mogelijke bouw van een nieuwe installatie wordt bekeken.

Gelezen in HLN en gehoord in de Gemeenteraad
© Geert Dewaele
© Geert Dewaele

💬 Reageer hieronder